• Zaterdag, 23 Juni 2018
  • 10 Tammuz, 5778
  • Laatste update 22 Juni 2018 19:46

OPINIE: NGO-hypocrisie in Gaza

  • Vrijdag 16 November 2012 16:01
Premier Netanyahu en minister van Defensie Barak overzien de militaire campagne

Premier Netanyahu en minister van Defensie Barak overzien de militaire campagne (foto: Flash90)

Zoals in alle recente conflicten die Israël doormaakte speelt een netwerk van niet-gouvernamentele organisaties (NGO’s) een politieke rol door een niet aflatende stroom beschuldigingen aan het adres van Israël te richten wegens “oorlogsmisdaden” en “schendingen van de mensenrechten”. De media nemen deze beschuldigingen vaak over zonder de feiten te verifiëren en voeden zo de campagnes die Israël demoniseren – vooral in Europa – en het land het recht ontzeggen om zijn burgerbevolking tegen terrorisme te verdedigen. Zo worden de morele principes van universele mensenrechten uitgebuit voor hoogst immorele doeleinden.

Gerald Steinberg
professor politieke wetenschappen aan de Bar-Ilan universiteit en voorzitter van NGO-monitor

Amnesty International dat een geschiedenis heeft van intense anti-Israëlische vooringenomendheid onder een dunne façade van mensenrechten had nauwelijks zes uur nodig om de boodschap te verspreiden dat “Israël’s moord op Ahmad al-Jabari, het hoofd van de militaire vleugel van Hamas een groot risico opleverde voor de burgers van Gaza en het zuiden van Israël”. Over de duizenden raketten die op de burgers van Israël werden afgevuurd en waarvoor Jabari verantwoordelijk was werd niet gerept omdat dit niet paste in het anti-Israëlisch keurslijf van de leiders van Amnesty. Krystian Benedict, campagnevoerder van de Engelse afdeling van Amnesty heeft zijn Twitteraccount overladen met sarcastische en immorele aanvallen op Israël.

De verklaring van Amnesty over het doden van Jabari bevatte weer eens de steeds herhaalde beweringen die in de vorige conflicten werden gebruikt (Libanon 2006 en Gaza 2008/2009) en uiteindelijk in het in opspraak gekomen Goldstonerapport en andere VN-rapporten werden opgenomen. In de laatste verklaring beweren ze nog maar eens “bewijzen te hebben verzameld” van “aanvallen in dichtbevolkte gebieden waar ontegensprekelijk burgers het slachtoffer van worden.” In deze verwrongen en immorele logica is het niet Hamas, dat de raketten plaatst in en lanceert vanuit privéwoningen en schoolgebouwen dat verantwoordelijk is voor oorlogsmisdaden, neen, het IDF en de Israëlische overheid die zijn bevolking wil verdedigen zijn de schuldigen.

Oxfam International legde een gelijkaardige verklaring af zei dat Israël zich niet hield aan “de verplichtingen van het internationaal recht”. Oxfam, een hulpverleningsorganisatie heeft echter hoegenaamd geen enkele bevoegdheid om juridische valabele uitspraken te doen. Om het nog erger te maken herhalen ze bovendien de immorele gelijkstelling tussen moedwillige palestijnse terroristische aanvallen vanuit bewoonde gebieden en de gerichte aanvallen door Israël vanuit zelfverdediging.

Oxfam riep Israël op om zijn militair optreden in Gaza te staken maar zei er niet bij hoe Israël zijn bevolking dan wel moet beschermen.

Amnesty, Oxfam en andere NGO’s hebben geen onafhankelijke bronnen om militaire activiteiten te analyseren noch om de wettelijkheid ervan te beoordelen.

In April 2002 was het een Amnesty-“expert”, Derek Pounder die op de BBC de leugen van de “Jenin-slachtpartij” kwam “bevestigen”. De zogenaamde NGO-mensenrechtenexpert deed echter niets anders dan de Palestijnse beweringen zonder meer over te nemen. Tot zover de methodologie.

De strategie om Israël aan te vallen door “mensenrechten” te gebruiken werd bedacht in augustus en september 2001 tijdens het schandelijke NGO-forum van de door de VN gesponserde Durban-conferentie. Daar waren 1.500 organisaties bijeen met 5.000 vertegenwoordigers waaronder die van Amnesty en Human Rights Watch. Er werd een eindresolutie aangenomen, voorbereid op een conferentie in, nota bene, Teheran, waarin de retoriek van “apartheid”, “genocide” en “oorlogsmisdaden” werd aanbevolen om tot een “volledige isolatie” van Israël te komen. De Durbandoctrine werd ijverig toegpast in Jenin (2002), Libanon (2006), Gaza (2008) en bij tal van andere gelegenheden. Nu dus opnieuw.

Vooringenomendheid tegen Israël heeft sterk bijgedragen aan het morele verval dat de “mensenrechten” hebben opgelopen. De laatste weken lanceerde het door Hamas gecontroleerde Gaza tientallen raketten op Israëlische steden en dorpen. De mensenrechtenorganisaties zoals B’Tselem, Adalah en andere door het New Israel Fund en Europese regeringen gesubsidieerde NGO’s die er als de kippen bij zijn om Israël onophoudelijk te veroordelen, zwegen in alle talen. Dat alle beschikbare middelen in Gaza worden aangewend om duizenden raketten te verwerven om Israëlische burgers te bestoken wordt door deze organisaties niet aan de kaak gesteld. Toch is elke afgevuurde raket een grove schending van de meest fundamentele mensenrechten. Voor deze NGO’s, voor hun palestijnse tegenhangers die graag dezelfde mensenrechtentaal bezigen en voor hun geldschieters hebben Israëli’s blijkbaar geen mensenrechten.