Elke stap voor God

elke-stapSimone Wenger, Hacer Düzgün, Magda Franken. Drie vrouwen, drie religies. Drie vra-gen ook, die hen op dreef hielpen om te getuigen van hun geloof en de manier waarop het hen inspireert. Dat was het opzet van de open avond van Regenboogkerken die dit voorjaar een vijftigtal mensen bijeenbracht in Lier. Het initiatief put inspiratie uit de overtuiging dat onze tijd niet alleen een verdieping van het eigen geloven vraagt, maar ook een verbreding van onze interesse naar andere religies.

Tekst en foto: Susan Van Lommel

Waarom zijn de sprekers eigenlijk alle drie vrouwen? De kritische vraag was gericht aan Maria Verwimp. Zij had immers vanuit de groep Regenboogkerken dit panelgesprek opgezet als opvolging van de avond In het spoor van Abraham van februari vorig jaar. Toen zaten, aan dezelfde tafel van parochiecentrum van Onze-Lieve-Vrouw-Onbevlekt Ontvangen, een rab-bijn, een imam en een katholiek exegeet samen. ,,Niemand heeft toen gevraagd waarom de sprekers allemaal mannen waren”, lacht ze fijntjes.
In een eerste ronde laat Maria Verwimp de spreeksters zichzelf voorstellen. Wie zijn ze, en, in één moeite door: waarom hebben ze zich vrijgemaakt om hier vanavond over hun geloof te komen getuigen?
Simone Wenger is orthodoxe joodse. Ze geeft al vijftien jaar rondleidingen voor scholen en andere groepen in een Antwerpse synagoge. Soms wordt ze, zoals vanavond, gevraagd om te getuigen over haar godsdienstbeleving. ,,Ik kom niemand overtuigen of bekeren. Maar als u straks meer begrijpt van gedragingen van joden die u voordien absurd leken, dan is voor mij de avond geslaagd.”

Imago

Naast Simone zit de Turkse moslima Hacer Düzgün. Zij is ondervoorzitster van de moslim-executieve in ons land en doceert aan de Erasmushogeschool in Brussel. Ze vindt dialoog be-langrijk omdat ze ziet hoe de moslimgemeenschap met een ernstig imagoprobleem kampt. ,,Nochtans veroordelen wij terreur namens een religie. Een terrorist zien wij niet als een mos-lim. In de Koran staat dat het doden van één mens gelijkstaat met het doden van de gehele mensheid.”
,,Godsdienst heeft te maken met je hart, je overtuiging. Daar moeten we allemaal respect voor opbrengen”. Tenslotte verwijst ze naar de zichtbaarheid van haar geloof. Haar hoofddoek laat daar, evenmin als de pruik of hoofdbedekking van een orthodoxe joodse, geen twijfel over bestaan. ,,Wij moeten de mensen dus uitleggen waarom we deze levenswijze kiezen”, zegt ze. ,,Anders blijven we onbemind.”
Magda Franken, de derde spreekster van het panel, is jaren pastor geweest bij het ACW. Ze is nu één jaar met pensioen. Zo kon ze op het laatste nippertje inspringen voor Hilde van Putten, die oorspronkelijk was aangezocht om te getuigen, maar dringend in het ziekenhuis is opge-nomen. Net als diversiteit is interreligieuze dialoog een thema dat haar nauw aan het hart ligt. Haar verwachtingen staan hoog gespannen: ,,Ik vertrouw erop dat het geen theoretische avond wordt, maar dat het over de beleving zal gaan.”
In welke mate geloven hun eigen keuze was? Hoe en wanneer dat gebeurd was? Uit de ant-woorden op deze tweede vraag weerhielden we het volgende. Hacer Düzgün is naar eigen zeggen gelovig, maar niet conservatief, islamitisch opgevoed. In 1985 is haar vader in België komen werken als islamleerkracht. In haar puberteit begon ze zich, als enig moslimmeisje in de klas, vragen te stellen. Haar klasgenoten gingen uit en genoten van een vrijheid die zij thuis niet kreeg. Waarom? En bestond God echt? Op zoek naar antwoorden, schreef ze zich in aan de universiteit van Ankara, vuurde haar vragen af op de profs….en besloot na vijf jaar theologie dat ze toch moslim wilde blijven.
Heel anders ligt het bij Simone Wenger. In de kordate stijl die haar kenmerkt, zegt ze onom-wonden dat men er niet voor kiest om jood te zijn. ,,Als je een joodse moeder hebt, ben je het zelf ook, punt uit. Een appel is een appel, een banaan is een banaan, en een jood is een jood. Het geloof plakt aan ons lichaam, we gaan ermee slapen en staan ermee op. Elke stap die we zetten, is om God te dienen. Ons geloof kleurt alles, absoluut alles, van wat we overdag doen.’
Magda Franken is opgevoed in de tijd dat het christelijk geloof bij ons als vanzelfsprekend werd doorgegeven. In die standaard overlevering leerde ze God kennen als een strenge, straf-fende vader. Gelukkig ontdekte ze bij haar ouders ook het beeld van de liefhebbende God.
Later werd geloven, door contacten met bezielde mensen en de opleiding tot pastoraal werk-ster, eerder een loslaten van zekerheden en leren luisteren naar de diepste stem in haar zelf. Meer en meer ontdekte ze dat het niet gaat om een klaar antwoord op vragen als ‘wie?’ of ‘wat?’, maar dat zij zelf het antwoord moest zijn.

Stop!

Wat betekent geloven in uw dagelijks leven? Het was de derde en laatste vraag. Geen wonder dat Hacer Düzgün op deze avond in Lier in eerste instantie aan het probleem van de hoofd-doeken denkt, en in het verlengde daarvan aan kwesties als halal voedsel, zwemles met jon-gens en meisjes samen… Ze benadrukt het wezenlijke verschil tussen integratie en assimilatie. Ze streeft naar het eerste, maar wijst het tweede af. ,,Integratie houdt in dat wij hier werken, belastingen betalen en dergelijke. Assimilatie veronderstelt dat wij onze manier van wonen, eten, bidden en wat weet ik nog meer zouden moeten aanpassen. Maar niemand mag van een ander mens verwachten dat hij is zoals hijzelf.”
Terugkerend naar de kern van de vraag, trekt Hacer Düzgün een parallel met haar joodse ‘col-lega’ in het panel. ,,Ook mijn levensdoel is God te dienen”, zegt ze. ,,Voor ik inslaap, over-denk ik of ik dat de voorbije dag gedaan heb. Of ik voldoende heb gebeden. Of ik goed ben geweest voor mijn ouders. Of ik mensen geholpen heb, of ik mijn studenten iets heb bijge-leerd. Als moslim bid ik vijf keer per dag. Dit betekent dat ik vijf keer per dag voor God ga staan, maar ook dat ik vijf keer ‘stop!’ zeg tegen de wereldlijke tijd.” Ze ervaart het als een soort meditatie, die alle stress opzijzet. Ze benadrukt het belang van de vrije wil in deze ge-bedsdiscipline. ,,Als het niet uit het hart komt, maar onder dwang gebeurt, heeft geen spiritue-le waarde.”

Genoeg

Het joodse geloof, zo had Simone Wenger al gezegd, kleurt het dagelijkse leven van ochtend tot avond. ,,Als ik de telefoon niet beantwoord, in het donker zit of nog iets anders ‘anders’ doe op sabbat, dan zijn dat mijn eigen zaken in mijn eigen huis. Wie zich daarmee bemoeit, is mijn vijand.” Ze wijst op de moeilijkheden die joden moeten trotseren om geïntegreerde Bel-gen te zijn zonder hun geloof geweld aan te doen. Een job in een kledingzaak is niet evident als je net op zaterdag niet mag werken. En dat is maar één van haar voorbeelden. Men begrijpt hoe pijnlijk het dan aankwam wanneer iemand haar eens vroeg of ze wenste na haar dood gerepatrieerd te worden.
Ook voor Magda Franken is het geloof geen afzonderlijke bezigheid naast het dagelijkse le-ven. De rode draad die de twee verweeft krijgt een naam: liefde.,,Het zit in alles wat ik doe, elke dag. Liefde is in alle omstandigheden dat wat de hoogste kwaliteit van leven te bieden heeft. En liefde heeft altijd te maken met elk ander die ik op mijn weg tegenkom.”
Ze maakt het nog concreter. ,,Het is oefenen in het aanwezig zijn, hier en nu. Het is verbinding leggen met de christelijke traditie, omdat dit mijn referentiekader is. Het is streven naar bewuster leven en meer al die dingen waarderen die gratis gegeven worden: het onbevangen vertrouwen van de kleinkinderen, het kunnen vergeven na een ruzie, de troost die mensen elkaar kunnen geven. Het is bewuster boodschappen doen in een wereld die zich almaar meer door winstbejag laat regeren. Het is de moed hebben om op een positieve manier tussen te komen wanneer je bij de kapper onrechtvaardige dingen hoort zeggen over migranten. Het is bewust waarderen hoe vanavond de tafel mooi met bloemen en kaarsen zijn versierd.”
Die liefde zoekt ook zijn weg naar een breder maatschappelijk engagement. Samen met haar man probeert Magda Franken een sobere levenshouding te hanteren. ‘De waarde van het ge-noeg’, betitelt ze dat. Mensen en systemen die op het steeds meer gericht zijn, acht ze verant-woordelijk voor de steeds grotere armoede van anderen. ,,Onze samenleving heeft meer dan ooit krachten nodig om weerwerk te bieden tegen die mechanismen van geldgewin en zo te kiezen voor levenskwaliteit. En die krachten hoeven niet per se christelijk te zijn.”

Informatie over Actie Regenboogkerken: Maria Verwimp, Diocesane Pastorale Dienst CCV-Antwerpen, Groenenborgerlaan 149, 2020 Antwerpen, telefoon 03/287.35.80, e-mail antwerpen@ccv.be of KMS Antwerpen, Chris Nollet, Pastorijstraat 37, 2060 Ant-werpen. Telefoon 0498/75.75.04, e-mail antwerpen@kms.be, website www.kms.be

Artikel verschenen in Kerk+Leven en met goedkeuring eerder verschenen in Joods Actueel Magazine

Tweet
Share
Share
0 Shares