Arabische vrouw in het Israëlische parlement strijdt voor alle minderheden

Nadia Hilo

Het bureau van de Nadia Hilo, een Arabische vrouw in het Israëlische parlement, is klein maar imposant. Het bruist er van de activiteit: twee druk telefonerende assistenten aan de balie schuimen het internet af op zoek naar cijfers en informatie. Hilo maakt wat aantekeningen in Arabisch schrift. Ze ordent de documenten op haar bureau en leunt achterover om te vertellen over de lange weg die ze aflegde. Nadia Hilo groeide op in Jaffa en schopte het tot de zalen van de macht in Jeruzalem.

“Ik werd geboren in Jaffa en bracht er ook mijn kindertijd door”, vertelt ze in behoedzaam maar vloeiend Engels. Als ze eens moeite heeft met een woord of een zinnetje, schakelt ze vlot over naar het Hebreeuws.

“Zoals u weet is Jaffa een gemengde stad. Ik groeide op in een omgeving waar Arabieren en joden vreedzaam met elkaar samenleefden. Met onze buren hadden we heel goede banden. Veel van de vrienden die ik toen als kind had, zijn ook vandaag nog vrienden en buren.”

“Heel snel nadat ik in Jaffa de middelbare school beëindigde, besloot ik mezelf te verdiepen in sociale thema’s. Ik wilde leren hoe ik de maatschappij kon helpen, en koos voor een opleiding die me dat mogelijk zou maken.”

Tijdens haar studies raakte Hilo betrokken bij sociale projecten in Jaffa, waar een groot deel van de bevolking onder de armoedegrens leeft. Naarmate de tijd vorderde, besefte de jonge vrouw dat ze verder moest kijken dan haar eigen stad. En dus begon ze aan een dertigjarige reis. Die bracht haar langs nationale verenigingen en sociale organisaties voor Arabieren, kinderen en vrouwen. De tocht bereikte haar hoogtepunt toen Hilo verkozen werd tot vice-voorzitter van Na’amat, de grootste advocatuurorganisatie voor vrouwen in het land.

“Het was niet één grote stap die me zover bracht, maar allemaal kleine stappen na elkaar”, vertelt ze. Dat trapsgewijze proces deed haar uiteindelijk ook in de politiek stappen. “Als ik meer invloed wilde hebben en als ik de situatie op sociaal gebied wilde veranderen, moest ik het op beleidsniveau gaan zoeken.”

Hilo werd lid van de Labor-partij en geraakte na de verkiezingen van 2006 in de Knesset. Ze is pas de tweede Arabische vrouw die er een zetel bemachtigde. Hussniya Jabara, die voor Meretz zetelde tussen 1999 en 2003, ging haar voor.

“Door op de nationale lijst te staan probeerde ik duidelijk te maken dat Arabische burgers niet alleen verantwoordelijk moeten zijn voor hun eigen thema’s, maar ook voor zaken die de hele maatschappij aanbelangen. Als ik professioneel de kans  heb om beslissingen te nemen, dan zie ik geen reden om dat niet te doen. Verantwoordelijkheid dragen voor zaken die iedereen aanbelangen, is voor een minderheid de eerste stap richting gelijkwaardigheid. En nationaal verkozen worden – niet alleen regionaal met de hulp van de Arabische stemmen – is natuurlijk ook een belangrijk signaal.”

Verantwoordelijkheid dragen voor zaken die iedereen aanbelangen, is voor een minderheid de eerste stap richting gelijkwaardigheid.”

“Als parlementslid werk ik erg hard. Ik wil er niet over opscheppen, maar ik ben hier echt ijverig. Een goede spreker zijn en heel veel toespraken houden, is niet genoeg: je moet echt leren een parlementariër te worden. Ik heb dat gedaan. In de Knesset diende ik al twintig wetsvoorstellen in. Ik geniet er van en haal er veel voldoening uit.”

Hilo zat nog niet lang in de Knesset, toen voor haar een erg uitdagende, en voor het land een erg lastige episode aanbrak: de voorbije zomer was er de oorlog met Hezbollah die delen van Noord-Israël verwoestte.

“Minder dan twee maanden was ik in de Knesset, maar toen de oorlog uitbrak besliste ik onmiddellijk dat ik me op lokaal vlak – op het veld – zou inzetten. Ik heb geen militaire achtergrond, en ik begrijp de oorlogstaal ook niet, maar door mijn ervaring in het sociaal werk kon ik me op vele vlakken nuttig maken.”

Zo trok ze tijdens de weekends naar joodse en Arabische gemeenschappen die geleden hadden onder de aanvallen met Katyusha-raketten. Ze nam speelgoed en spelletjes voor de kinderen mee. “Het speelgoed stapelde ik op het dak van mijn auto op. Ik reed naar de plaatsen waar er aanvallen geweest waren en deelde de speeltjes uit aan de kinderen. Dat was de echte crisis tijdens die oorlog: er was geen veilige plaats voor de kinderen.”

Na de oorlog focuste Hilo weer op haar topprioriteit, de minderwaardige behandeling van minderheden en vrouwen. “De waarden en maatstaven die de vrouwen zo lang op de achtergrond plaatsten, moeten we aanpakken. Ik zeg vaak dat Arabische vrouwen in Israël driedubbel gediscrimineerd worden: de Arabieren vormen een minderheid, ze zijn vrouw én ook binnen de eigen gemeenschap worden ze minderwaardig behandeld.”

Nadia Hilo is er trots op wanneer Arabische vrouwen haar als een rolmodel beschouwen. Vanuit haar pas verworven machtspositie wil ze sociale veranderingen teweegbrengen. Die moeten de Arabische vrouwen in de Israëlische maatschappij meer kansen geven.

“Je kan zeggen dat ik de eerste vrouw ben die hindernissen wil afbreken. Maar ik wil de Arabische vrouwen niet alleen in de Knesset zien. Ik wil overal meer gelijkwaardigheid en meer integratie zien.”

Nog voor de laatste bezoeker haar kantoor verlaten heeft, verdiept Hilo zich alweer in haar notities. Ze schrijft nog meer ideeën uit, die uiteindelijk haar doelen moeten realiseren.

Auteur: David Brinn

Tweet
Share
Share
0 Shares