Anya Topolski worstelt met God en met zichzelf

Eind november nam Anya Topolski deel aan een panelgesprek in de Roma in Borgerhout. De avond kaderde in een reeks met de welluidende titel: Worsteling met God waarvoor Topolski aantreedt wanneer ‘het Jodendom’ aan de beurt was. Ik ging er niet naar toe omdat ik geen zin had haar verhalen nog langer te aanhoren. Maar mocht ze deze keer toch een ‘ander joods geluid’ hebben laten horen, mag ze het laten weten en zal ik, graag zelfs, toegeven dat ik de bal echt missloeg.

Guido Joris

Anya Topolski is de anti-Israëlische ‘associate professor’ in de politieke filosofie en theorie aan de Radboud Universiteit Nijmegen. Ze gaat niet alleen gebukt onder een eigenaardige soort Israëlhaat, ze heeft ook duidelijk last van een extreemlinkse implicit bias als het over Joden en al zeker over het Beloofde Land gaat. Dat is volgens haar ook de reden waarom ze nooit naar Israël wil, een land dat ze van racisme beschuldigt.

Die connotatie met de linkse Jodenhaat, die zich destijds in pogroms en moordpartijen bij communistische regimes openbaarde, zijn bij haar (waarschijnlijk onbewust) nooit veraf.

Dat vertaalt zich in de activiteiten van de door haar opgerichte organisatie Een Andere Joodse stem, een copy-paste van het Nederlandse een Ander Joods Geluid. En natuurlijk serveren extremisten deze getormenteerde geesten, die vooral met zichzelf worstelen, maar al te graag op in het anti-Joodse menu.

Een Andere Joodse Stem probeert al langer iedereen te laten geloven dat Israëli’s er hun corebusiness van gemaakt hebben om Arabieren te onderdrukken maar gaat moeiteloos voorbij aan anti-Israëlisch geweld van Hamas en Hezbollah en andere terroristen. De organisatie laat uitschijnen dat zij een belangrijke opinie binnen de Joodse gemeenschappen verdedigt. In werkelijkheid gaat het slechts om een kleine fanclub en terwijl Een Andere Joodse Stem daarbij voorbijgaat aan het feit dat in een democratie, een meerderheidsbeleid gevoerd wordt. Een attitude die herkenbaar wortelt in het totale gebrek aan respect voor de vrije meningsuiting dat eigen is aan één-partij-regimes. Topolski beweert overigens dat “de overheid druk zou uitoefenen op moslims om tegen Joden te zijn en op de Joden om bang te zijn.”

 

De slagroom van de wansmakelijke taart

Niemand is gekant tegen mensenrechten en dat weet Topolski maar al te goed. De strijd tegen racisme is bij haar de ‘mensenrechten’-slagroom die de erbarmelijke kwaliteit van haar vlaai moet verhullen om nog maar te zwijgen van het antisemitisme dat op de taartbodem aangetroffen wordt. Of kan het meeheulen met academici die Israël van apartheid beschuldigen ernstig genomen worden? Ook al steigeren die op voorhand door zelf te zeggen dat ze van antisemitisme zullen beschuldigd worden.

Willen ze me nu echt doen geloven dat hun leugens zijn ingegeven door respect en liefde voor een volk? En dat hun ‘zionisme-is-racisme-stelling’ geen antisemitisme van het bedenkelijkste soort is? Je kan natuurlijk heel wat kritiek leveren, maar Israël van institutioneel racisme beschuldigen is onwaar, oneerlijk en vooral een extremistische manipulatie waarbij het doel de middelen heiligt. En dat is maar één punt waarop Topolski steevast een loopje met de waarheid neemt.

Revisionisme

Naast haar anti-Israëlisch discours komt de kern van Topolski’s betoog, voor binnenlands gebruik, er steeds op neer dat moslims de nieuwe Joden dreigen te worden in Europa. Zij poogt de geschiedenis te herschrijven met haar bewering dat er in onze samenleving geen Joods-christelijke waarden aanwezig zijn en dat die ook nooit hebben bestaan. Dergelijk revisionisme wens ik niet meer te aanhoren, één keer was ruimschoots voldoende.

Of Topolski met het Jodendom worstelt, kan ik niet beoordelen. Het komt me voor dat ze vooral met zichzelf worstelt en met de ontkenning van haar joodszijn dat ze via vorige generaties en na de Holocaust heeft opgepikt. Daarvoor heb ik wel begrip maar het wordt nu stilaan tijd om volwassen te worden.

 

6 Shares
Tweet
Share
Share6