Economie West Bank herleeft

In 2009 vertoonde de Westelijke Jordaanoever een significant economisch herstel waarbij de economie een ongekende groei van 8% bereikte. Dit groeipercentage geeft blijk van een voortzetting van de positieve ontwikkelingen die werden ingezet in 2008.

De macro-economische omstandigheden op de Westelijke Jordaanoever zijn in 2009 verbeterd, voornamelijk dankzij de maatregelen die door Israël werden genomen om de economische activiteit te ondersteunen, verbeteringen van de veiligheidssituatie op de Westelijke Jordaanoever, de voortzetting van de financiële steun door de internationale gemeenschap aan de Palestijnse Autoriteit en de toegenomen buitenlandse investeringen.

Toekomstig Rawabi stadsproject

Deze relatieve economische groei en een verbeterde levenskwaliteit weerspiegelden zich in bloeiende economische, culturele en sociale activiteiten, waaronder: de opening van een winkelcentrum en een bioscoopcomplex in Nabloes; de bouw van hotels; de goedkeuring van het “Rawabi” stadsproject ter waarde van 800 miljoen dollars dat ruimte zal bieden voor de bouw van 5.000 woningen; de start van de exploitatie van een tweede Palestijnse mobiele telefoon-operator, “Wataniya”, met meer dan 100.000 abonnees; het begin van de bouwactiviteiten op het industrieterrein van Bethlehem, speciaal ontworpen voor kleinere bedrijven zoals toerisme, meubels, ambachtelijk werk, elektronica en aanverwanten (gezamenlijk gefinancierd door Frankrijk en de Palestijnse Autoriteit), en nog zoveel meer.

In aanvulling op het bovenstaande, zijn in 2008 volgens officiële Palestijnse bronnen, de buitenlandse investeringen op de Westelijke Jordaanoever met meer dan 600 procent gestegen, onder meer als gevolg van de economische conferenties die gehouden werden in Bethlehem en Nabloes en de verbeterde veiligheidssituatie aan de grond.

De volgende indicatoren weerspiegelen de groei van de economische activiteit:

  • De totale handel op de Westelijke Jordaanoever (inbegrepen met Israël) kende in 2009 een toename met 2.75% in 2009 in vergelijking met 2008, en bereikte een omzet van 19.310 miljoen NIS in 2009 vergeleken met 18.794 in 2008.
  • De Palestijnse import vanuit de wereld (Israël niet inbegrepen) registreerde een toename met 25 procent ten opzichte van 2008.
  • De prijzenindex voor consumenten nam toe met 7 procent.
  • In 2009 steeg het BBP met 6,7% in vergelijking met het voorgaande jaar, en bereikte 5.147,2 miljoen dollar in vergelijking met 4.820,9 dollars tijdens het voorgaande jaar.
  • In 2009, is het BBP per hoofd van de bevolking gestegen met ongeveer 3,6%, tot 1.389 dollar, vergeleken met 1.340 in 2008.
  • De al-Quds Index steeg met 11,8% in 2009.
  • Fiscale inkomsten die door Israël op maandelijkse basis werden geïnd, werden overgedragen aan de Palestijnse Autoriteit. In 2009 heeft Israël 4.372 miljoen NIS overgedragen aan de Palestijnse Autoriteit (na aftrek van verschuldigde betalingen door de Palestijnen), een stijging van 12% ten opzichte van 2008 toen 3.918 miljoen NIS werd overgedragen. Deze stijging is een indicator van de groei van de economische activiteit in de Palestijnse Autoriteit.
  • In 2009 was er een toename van het aantal vrachtwagens die goederen leverden vanuit de Westelijke Jordaanoever naar Israël ten opzichte van 2008. Dit cijfer steeg met 52%, een stijging van 200.399 trucks in 2008 tot 303.991 in 2009. De cijfers voor januari en februari 2010 waren respectievelijk 21.210 en 23.207.
  • Het volume van de handel tussen Israël en de Palestijnse Autoriteit bleef relatief stabiel, ten bedrage van 15.1 biljard NIS in 2008 vergeleken met 15 biljard NIS in 2009.
  • Gecombineerde cijfers voor vrachtwagens die goederen leveren vanuit de Westelijke Jordaanoever, met inbegrip van de Allenby Bridge, duidt op een stijging van 29%, van circa 363.000 vrachtwagens in 2008 tot ongeveer 469.000 vrachtwagens in 2009.
  • Op de oversteekplaatsen rondom Jeruzalem was er in 2009 een stijging met 29% van het volume van het wegverkeer in vergelijking met 2008, met name van 1.485.529 naar 1.920.529. De aantallen voetgangers die overstaken verhoogden met 10%, van 12.714.632 naar 13.970.712.
  • Op de oversteekplaatsen die beheerd worden door de Crossings Management Autoriteit werd een stijging van 57% opgetekend en nam het aantal Palestijnse voetgangers in Israël toe tot 6.825.247 in 2009, tegenover 4.340.362 in 2008. De cijfers voor januari en februari 2010 zijn respectievelijk 542.264 en 425.207.
  • In 2009 was er een stijging van 6% op de invoer van dieselbrandstof aan de Westelijke Jordaanoever, een stijging van 22% van de invoer van benzine en een stijging van 25% van de import van cement. Een significante stijging van 49,5% in de auto de invoer in de Westelijke Jordaanoever werd eveneens geregistreerd.
  • Er is een toename van nieuwe vastgoedprojecten, zowel residentieel als commercieel.
  • De bovenstaande indicatoren wijzen op een aanzienlijke groei in de economische en commerciële activiteit evenals een aanzienlijke verbetering van de toegang en toename van de verkeersdrukte op de Westelijke Jordaanoever, zoals wordt beschreven in het volgende hoofdstuk.

Tewerkstelling:

Talrijke economische sectoren hebben bijgedragen tot de bovengenoemde versnelling van de economische activiteit. In de sector werkgelegenheid, wijzen de indicatoren op een lichte verbetering in 2009 in verhouding tot de beroepsbevolking binnen de totale bevolking, bereikte dit 43,8% tegenover 43% in 2008. De werkloosheid in de Palestijnse gebieden (met inbegrip van de Gazastrook) daalde van 26% in 2008 tot 24,5% in 2009. De werkloosheid op de Westelijke Jordaanoever daalde met 1,2% van 19% in 2008 tot 17,8% in 2009 (een daling met 1,8% werd ook gemeld in Gaza).

Toerisme:

Na de aanzienlijke groei van het toerisme in 2008, wijzen de gegevens ten aanzien van 2009 op een ommekeer in deze trend (een daling van 18%, met in achtneming van de toeristen in Bethlehem, en 27% ten opzichte van de toeristen in Jericho), die blijkbaar te wijten is aan de gevolgen van de wereldwijde economische crisis op het mondiale toerisme. Echter, in januari 2010 werd een herstel opgetekend in het aantal toeristen dat een bezoek bracht aan de Westelijke Jordaanoever, en de cijfers voor de maand januari 2010 zijn hoger dan de cijfers over de voorgaande jaren: het extern toerisme naar Jericho bedroeg 38.740, tegenover 20.318 in januari 2009 en 26.050 in januari 2008. Het externe toerisme naar Bethlehem bedroeg in deze periode 66.000, ten opzichte van 28.273 in januari 2009 en 56.587 in januari 2008.

In de eerste helft van 2009, was er een sterke toename van het binnenlands toerisme op de Westelijke Jordaanoever met ruim 25% (350.000 toeristen, in vergelijking met 284.000 in de eerste helft van 2008).

Israëlische maatregelen ter bevordering van de economische groei op de Westelijke Jordaanoever

Tijdens de ministerraad van 10 mei 2009, heeft de Israëlische regering besloten om een speciaal Kabinet Ministerieel Comité te vormen, voorgezeten door de minister-president, dat gewijd is aan het vergemakkelijken van economische projecten voor de Palestijnse bevolking op de Westelijke Jordaanoever en het wegnemen van belemmeringen voor economische groei. De oprichting van dit comité weerspiegelt de hoge prioriteit van de regering om de Palestijnse economische ontwikkeling te bevorderen.

Zoals premier Netanjahoe verklaarde: “Ik heb mij persoonlijk aan het hoofd geplaatst van een ministerieel comité, met het doel om de verschillende economische projecten te deblokkeren die werden  opgehouden en waarvan ik denk dat die de Palestijnse economie kunnen bevorderen. Ik denk dat we een enorme inspanning moeten doen om het toerisme en de investeringen aan te moedigen en we zijn bereid om dat ook te doen.”

Het Comité bestaat uit oud-ministers en haar doelstellingen omvat het zoeken naar manieren om het verkeer van goederen en mensen te stimuleren, het wegnemen van belemmeringen die de voortgang van economische projecten in de Westelijke Jordaanoever verhinderen, alsmede het wegnemen van bureaucratische belemmeringen op dit gebied. Het Comité heeft al verschillende bijeenkomsten gehouden, waarin besluiten werden genomen ten aanzien van kwesties zoals de uitbreiding van de openingstijden van de Allenby Brug (zoals hieronder beschreven) de aanleg van industriële gebieden en andere projecten.

Palestijnse buitenlandse handel via de Allenby Brug

Met het oog op de invoer en de uitvoer van goederen en om de doorstroom van passagiers naar Jordanië te verbeteren, en op verzoek van de Palestijnen, heeft Israël’s Kabinet van het Ministerieel Comité besloten om de openingstijden van de Allenby Brug uit te breiden voor de overtocht van passagiers en goederen, zodat die thans geopend is van 8u00 tot 24u00. Het proefproject werd gestart voor een eerste periode eindigend in februari 2010 en Israël heeft onlangs besloten om deze te verlengen tot het einde van de zomer van 2010.

Volgens officiële Palestijnse bronnen had de uitbreiding van de exploitatieuren van de brug tegen september 2009 al een besparing voor de Palestijnse economie opgeleverd tussen de 50 en 100 miljoen NIS.

Gegevens over het verkeer van commerciële goederen en passagiers in 2008 en 2009 wijzen op een lichte afname van de activiteit. In 2009 maakten 1.481.757 passagiers gebruik van de Allenby Brug ten opzichte van 1.501.474 in 2008 (een daling met 1,3%). Ook in 2009 was er een lichte daling in het volume van commerciële goederen die over de brug reisden, voor een totaal van 13.168 zendingen, in vergelijking met 13.745 in 2008 (een daling van 4,2%). Het aantal voertuigen dat de overtocht maakten, volgt dit patroon en bereikte in 2009 het aantal van 9.444 ten opzichte van 9.890 in 2008 (een daling met 4,5%). In 2009 was er een stijging met 27,24% van de invoer van voertuigen via de Allenby Brug ten opzichte van 2008.

De werkgelegenheid in Israël en via Israëlische handel op de Westelijke Jordaanoever

In 2009 was er een stijging met 5,4% van het aantal Palestijnse werknemers in Israël en in dienst van Israëlische werkgevers op de Westelijke Jordaanoever in vergelijking met 2008. Het aantal Palestijnen in dienst liep op tot circa 48.400. De genoemde stijging maakt onderdeel uit van een permanente trend: sinds 2006 is er een constante toename van het dagelijkse gemiddelde van het aantal werkvergunningen voor Palestijnen in Israël (10.946 in 2006, 22.184 in 2007, 23.988 in 2008 en 26.011 in 2009).

Israëlische maatregelen om de Palestijnse handelsactiviteiten te versoepelen

Een aantal maatregelen zijn door Israël uitgevoerd om de toename van de Palestijnse economische activiteit te vergemakkelijken. Deze maatregelen zijn bedoeld om een grotere toegang mogelijk te maken voor ondernemers die aanzienlijke inkomsten genereren en omvatten het volgende:

  • Tot nog toe werden 456 vergunningen voor zakenmensen [Businessman Cards] uitgereikt voor het jaar 2010. In december 2009 werd een totaal van 417 Businessman Cards uitgegeven. Het totale aantal potentiële houders is 1.500. Meer dan 12.000 vergunningen voor handelaren werden  ook afgegeven voor hooggeplaatste handelaren die geregistreerd staan bij de Palestijnse Kamer van Koophandel, met een potentieel aantal vergunningen die tot 15.000 kan reiken. Deze kaarten en vergunningen, vergemakkelijken de toegang tot Israël voor Palestijnse zakenlieden aanzienlijk en maken het eenvoudiger voor Palestijnse zakenlieden om lopende zaken te doen, die van vitaal belang zijn voort de inkomsten van velen op de Westelijke Jordaanoever.
  • Verwijdering van wegversperringen en controleposten: Sinds 2008 werd het aantal van de belangrijkste controlepunten verlaagd van 41 naar 14. Sinds april 2008 werden 357 obstakels (aarde terpen, wegblokkades) verwijderd. Afgelopen januari werden tien wegblokkades verwijderd op Route 60, de belangrijkste Noord-Zuid verbinding op de Westelijke Jordaanoever. In het algemeen verloopt het verkeer van noord naar zuid op de Westelijke Jordaanoever thans bijzonder vlot met slechts enkele controleposten langsheen de weg die normaal open worden geëxploiteerd.

Israëlische maatregelen om de activiteit te verhogen op de commerciële doorlaatposten

In 2009 heeft Israël enorme inspanningen geleverd om de capaciteit van de commerciële passages als volgt te moderniseren en te verbeteren:

  • Uitbreiding van de openingsuren van de terminal aan de Allenby Brug voor het doorgaand verkeer van goederen en voetgangers (een pilootproject werd onlangs verlengd tot het einde van de zomer van 2010 – zie hierboven).
  • In 2009 werd 20 miljoen NIS geïnvesteerd in het verbeteren van de commerciële grensovergangen tussen Israël en de Westelijke Jordaanoever, met het oog om de capaciteit van deze passages te verbeteren en het verkeer van vrachtwagens en voetgangers snel en efficiënt te beheren.
  • Uitbreiding van de openingstijden aan de Tarkumiya overgang – die doorgang is nu geopend van 6u00 tot 19u00 (in plaats van 7u30 tot 17u00 zoals eerder). Dit stelt Palestijnse handelaren te verhogen van het aantal dagelijkse zendingen naar Israëlische havens en markten.
  • Uitvoeringsmaatregelen om de overbrenging van de containers door middel van commerciële overgangen mogelijk te maken – in 2009 was het aantal containers dat werd verscheept tussen de Westelijke Jordaanoever en Israël als volgt: 25.058 containers via Tarkumiya en 20.802 via Shaar Ephraim. Het volume van de handel uit Nabloes via de doorgang van Shaar Ephraim is verdubbeld.
  • Het opwaarderen van de doorgang van Gilboa-Jalameh in het noordelijke deel op de Westelijke Jordaanoever om (met ingang van 13 oktober 2009, gesponsord door USAID) het wegverkeer mogelijk te maken. De gevolgen van deze stap zijn reeds voelbaar: sinds de doorlaatpost werd geopend voor voertuigen, is de economie van Jenin gegroeid met 30 tot 35%. Meer dan 1500 auto’s maken elk weekeinde gebruik van deze doorgang op de Westelijke Jordaanoever. Het gemiddelde shoppinggroepje dat deze doorlaatpost gebruikt, bestaat uit vier passagiers die gemiddeld 855 NIS uitgeven tijdens hun bezoek aan de stad en zullen naar verwacht Jenin 28 keer per jaar bezoeken. Dit is een stijging met 10% van het volume van de aankopen per groep bij elk bezoek, en een verdubbeling van het aantal bezoeken. Het effect van de opening van de doorgang komt tot uiting in een toename in de handel, ten bedrage van 300.000 dollar per week. 80% van de handelaren hebben een toename gemeld en de Israëlische Arabieren vormen een kwart van de kopers in Jenin, terwijl zij 30% van de aankopen voor hun rekening nemen. Dit leidt ook tot een toename van de aangeboden goederen en een stijging van de reclame en de werkgelegenheid.
  • De opwaardering van een aantal belangrijke commerciële doorlaatposten is gepland voor 2010: de doorgangen aan Shaar Efrayim Gilboa zullen naar verwachting worden uitgebreid met een geraamd bedrag van 8 miljoen dollars; tankstations zullen naar verwachting worden gebouwd op de doorgangen van Tarkumiya en Shaar Efrayim.

Energiebeheer

Het opwaarderen van de elektriciteitsinfrastructuur op de Westelijke Jordaanoever is een prioriteit die wordt gedeeld door Israël, de Palestijnen en de internationale gemeenschap.

Volgens de interim-overeenkomst, vindt een permanente dialoog plaats tussen de partijen op het gebied van energievraagstukken. De Israëlische en Palestijnse autoriteiten houden op regelmatige basis vergaderingen over het beheer van de energie, die wordt bijgewoond door vertegenwoordigers van het Ministerie van Infrastructuur, COGAT en de Israëlische Elektriciteit Company aan Israëlische zijde en de Palestijnse Energie Autoriteit aan Palestijnse zijde.

Een elektriciteit-project, dat wordt gefinancierd door de Europese Investeringsbank (EIB), zit momenteel in een vergevorderd stadium. Onder dit project zullen door vier elektriciteitsproducenten sub-stations worden gebouwd met name in Jenin, Ramallah, Nabloes en Hebron, voor een geraamd bedrag van 100 miljoen euro. Dit project zal veel meer elektriciteit genereren op de Westelijke Jordaanoever en zal de ontwikkeling in een breed scala van sectoren mogelijk maken.

Bovendien is de levering van elektriciteit toegenomen in bepaalde locaties, installaties voor zonne-energie werden gevestigd op plaatsen die niet zijn aangesloten op het elektriciteitsnet, elders werden dorpen aangesloten op het elektriciteitsnet en werden elektriciteitsnetten geïnstalleerd in een aantal dorpen.

Bronnen: Le Post: Les mesures prises par Israël au soutien de l’économie palestinienne van 15 april 2010; IMFA: Measures Taken by Israel in Support of Developing the Palestinian Economy, the Socio-Economic Structure, and the Security Reforms van 13 april 2010

Tweet
Share
Share
0 Shares