Noorse universiteiten boycotten alles wat pro-Israël is


“De dialoog mag maar met één kant gevoerd mag worden. Hamasaanhangers worden uitgenodigd om te dialogeren, maar wie Israël ondersteunt wordt daarvan uitgesloten door een impliciete, maar zeer reële, boycot tegen pro-Israël standpunten.”
De bekende Amerikaanse advocaat Alan Dershowitz kon aan de levende lijve vaststellen hoe een de facto Israëlboycot heerst in Noorse universiteiten. Volgend artikel van Dershowitz staat vandaag in de Wall Street Journal.

Noorwegen aan Joden: Jullie zijn hier niet welkom

Ik beëindigde onlangs een reeks lezingen aan verschilllende universiteiten in Noorwegen, ik sprak er over de toepassing van het internationale recht op het Israëlisch-Palestijns conflict. Maar het had geen haar gescheeld of er was van deze lezingen geen sprake.

Prof. Alan Dershowitz

Een pro-Israëlische groep die als sponsor optrad stelde me voor om aan de drie belangrijkste universiteiten te spreken zonder hen enige vergoeding te vragen. Noorse universiteiten zijn er altijd als de kippen bij om buitenlandse lectoren op hun campus te krijgen. Toen mijn Harvardcollega Stephen Walt, co-auteur van “The Israël Lobby” in het land was, haastte de University of Science and Technology in Trondheim om hem te vragen. Hetzelfde gebeurde met Ilan Pappe, de man die niet anders doet dan Israël demoniseren, en in Oxford werkt.

 

Vandaar dat de organisatoren van mijn lezingen dachten dat hun aanbod, waarbij ik vanuit een ander academisch perspectief het Israeëlisch-Palestijns conflict zou toelichten met enthousiasme zou onthaald worden. Ik heb een half dozijn boeken over het onderwerp op mijn actief staan met een gematigde visie over een tweestatenoplossing die ik ondersteun.

Maar de universiteiten weigerden.

De decaan van de rechtenfaculteit aan de universiteit van Bergen liet me weten dat ze vereerd zouden zijn als ik een lezing over het O.J. Simpson proces wou geven (Dershowitz was de advocaat van Simpson, nvdr.)  maar dat ik dan wel moest beloven om niet over Israël te spreken. En de administrator van de Trondheim universiteit zei dat het onderwerp “Israël” te controversieel was. De universiteit van Oslo zei doodgewoon neen zonder enige verontschuldiging.

Ik heb het maar één keer meegemaakt dat ik op een soortgelijke manier verhinderd werd om lezingen te houden in een land. Dat andere land was Zuid-Afrika tijdens het apartheidsregime. Maar niettegenstaande de universiteitsfaculteiten in Noorwegen  bleven weigeren om me uit te nodigen kon ik toch drie lezingen houden voor auditoria die afgeladen vol zaten. Maar die lezingen kwamen er op uitnodiging van een aantal studentenverenigingen.

Ik ontving telkens een uitbundig applaus  bij het betreden van de zaal en een ovatie na mijn lezing. Dan realiseerde ik me plots waarom dit allemaal op deze manier liep. Aan alle universiteiten in Noorwegen zijn er activiteiten met de bedoeling een academische en culturele boycot van Joodse Israëli’s te realiseren. Deze boycot richt zich officieel tegen de bezetting van Palestijns land door Israël maar de boycot die de activisten feitelijk voor ogen houden is die van Israël zelf.

De eerste zin van hun petitie is: “Sinds 1948 houdt Israël Palestijns land bezet…” (let op de datum, 1948 en dus niet 1967, nvdr).  De universiteitsraden hebben natuurlijk niet ingestemd met een collectieve bestraffing van alle Iraëlische academici en zo is het formele streven naar een boycot mislukt. Maar in de praktijk blijkt het toch te bestaan. Joodse pro-Israël sprekers vormen  wel degelijk de facto het onderwerp van een boycot.

De eerste ondertekenaar van het boycotmanifest  was Trond Adresen, een professsor in Trondheim. Over Joden schreef deze man het volgende: “Er is iets immens zelfbevredigends en in zichzelf gekeerd aan de stammenmentaliteit die zoveel voorkomt onder Joden… Als groep worden ze gekenmerkt door deze mentaliteit…  Het is niet minder legitiem om zulke dingen over Joden te zeggen in 2008-2009 dan het was om hetzelfde te vertellen over de Duitsers in 1938”.

Dit soort praat –  over en aan het adres van Joden, niet aan Israël –  is blijkbaar acceptabel voor de Noorse elite. Denk aan de reactie van de voormalige premier Kare Willock toen president Obama Rahm Emanuel als stafchef aanstelde: “Dat ziet er niet veelbelovend uit, hij heeft een stafchef gekozen die Joods is”. Mijnheer Willock wist niets af over de standpunten van Rahm Emanuel  maar baseerde zijn kritiek louter en alleen op het feit dat dhr. Emanuel een Jood was. Misschien niet verassend dat er vandaag minder dan 1.000 Joden in Noorwegen wonen.

De Noorse minister van Buitenlandse Zaken schreef onlangs een artikel om zijn contacten met Hamas te rechtvaardigen. Hij zei dat Noorwegen er een essentiële filosofie op nahoudt om steeds te “dialogeren”. Nu was het echter duidelijk dat de dialoog maar met één kant gevoerd mag worden. Hamas en de hamasaanhangers worden uitgenodigd om te dialogeren, maar wie Israël ondersteunt wordt daarvan uitgesloten door een impliciete, maar zeer reële, boycot tegen pro-Israël standpunten.

Alan Dershowitz is professor rechten aan de Havard University. Zijn meest recente boek heet “The Trials of Zion” (Grand Central Publishing, 2010)

Tweet
Share
Share
0 Shares