Daniel Von Weinberger, geniale ‘bricoleur’ en streng chassidische Jood

Daniel Von Weinberger is niet alleen een briljante en geniale ‘bricoleur’ maar ook een gerenommeerd kunstenaar en streng gelovig man, volgeling van de Lubavitcher Rebbe. De kunstenaar maakt extravagante colliers, aquarellen, tekeningen, pentekeningen en schilderijen.

Hij creëert ook halssnoeren voor celebrities zoals mode icoon Ann Demeulemeester, Anne Kurris, de Brusselse ontwerper Jean-Paul Knott en de Engelse couturier Pierre Garroudy. Zijn werk is wereldwijd gekend tot in China toe.

Von Weinberger werkt en leeft in Borgerhout en geeft les aan de kunstacademie van Berchem. Hij woont ongeveer midden in de moslimgemeenschap en zijn woning is bijzonder gemakkelijk te vinden. In de dubbele portaaldeur hangt de mezoeza en bovenaan is een foto aangebracht van de Rebbe plus een tekst in het Hebreeuws die Moshiach (de Messias) welkom heet. Begin januari 2009, tijdens het Gaza-conflict, stopten onbekenden lappen en brandversnellers in zijn brievenbus maar het vuur kon worden gedoofd. De daders werden nooit gevat.

Wij werden uitgenodigd aan een bijzonder lange tafel, want het gezin Von Weinberger telt tien kinderen. De ontvangst liep niet direct van een leien dakje want de kunstenaar loopt niet zo hoog op met interviews. Meestal omdat zijn woorden niet correct worden weergegeven maar ook omdat zijn boodschap niet duidelijk wordt doorgegeven.

“Voor mij hoeft die publiciteit allemaal niet”, zegt hij, “want wat ik doe, doe ik voor mijn plezier. De enige boodschap die ik wil doorgeven is een oproep in positieve zin om de wereld te veranderen. Een wereld waar de koning Moshiach zich zal openbaren en waar G-d voor iedereen een werkelijkheid zal zijn. Een wereld vol vrede, waarin de Joden de 613 mitzwes en de niet-Joden de zeven Noachiedische geboden zullen eerbiedigen zoals de Rebbe het ons als profeet aankondigde. Dat laatste sneuvelt meestal in de pers”. Maar wij zetten door.

Wie is Daniel Von Weinberger?
Hij zucht diep, aarzelt en antwoordt: “Ik ben in de eerste plaats een zoekende man, dat ben ik en dat blijf ik. Het is ook een typisch kenmerk van een Jood, ik blijf maar leren. Ik blijf een leerling omdat het oneindig is. Telkens opnieuw leren is ook een aha-erlebnis, zoals wij ook telkens opnieuw de Thora ontdekken.

Ik deed dag- en avondonderwijs aan de academie van Antwerpen, studeerde voor goudsmid en deed ook theater decor en kostumering. In Jeruzalem specialiseerde ik me in emailleertechnieken en daarna studeerde ik opnieuw beeldhouwkunst“.

Sommige kunstenaars stellen dat ‘hun leermeesters’ van uitzonderlijk belang zijn voor hun werken. Wat denkt u daarvan?
“In de jaren ’70 hadden we in de literatuur, in het theater en in de wereld van de kunst mensen die échte kunstenaars waren en waar we naar opkeken. Mensen zoals een Mortier, Alfons Goris, Ibens, Lea Daan en Jet Vael. Vandaag hebben we die niet meer. Nu draait in de eerste plaats alles om geld verdienen. We hebben het geluk gehad dat we deze creatieve periode hebben meegemaakt. Toen kon alles! De evolutie in de jaren ’60 en ’70 was enorm”.

Daniel Von Weinberger was in de jaren ’70 een ‘rock’n roll kid’. In de studio Herman Teirlinck werkte hij mee aan de Rocky Horror Show en creëerde hiervoor bizarre, barokke theatrale kostuums. Hij behoorde ook tot het milieu van de ‘Poor Millionaire’, het winkeltje van Lieve Bols waar de toenmalige avant-gardistische jeugd rondhing.

Ook vandaag nog toont hij zich een grootmeester van Camp en het theatrale. Hij schept, creëert juwelen met een extra dimensie. Extravagante colliers met een ziel en samengesteld uit edelmetaal of plastic, kralen, scoubidous of poppetjes, parels, hout of foto’s waarbij alle materialen worden bewerkt en behandeld met een pure liefde voor het ambacht. In alles wat de kunstenaar verzamelt, toont hij zijn liefde voor het materiaal. Het maakt hem niet uit of het goud is of kitsch. Maar uitstijgen boven het gewone doet het!

Waar haalt u de inspiratie om te werken met deze contrasterende materialen?
“Als kind in de jaren 50 was ik al gefascineerd door al die prachtige juwelen van Chanel en Yves Saint Laurent die ik in een kleine etalage zag op de Meir in Antwerpen. Uit die periode stamt mijn belangstelling voor de andere disciplines zoals decors en theaterkostuums, mode, beeldhouwkunst en design. Al deze disciplines vormen één geheel. Alles is inspiratie! Je moet materialen herwaarderen. Daarom gebruik ik alles en noem ik me een ‘bricoleur’. Dat is een term uit de jaren ’70 van Claude Levi-Strauss die zei dat we in de toekomst moeten gaan recycleren en her-waarderen. Met de klemtoon op her”.

Want dat doet Daniel Von Weinberger. Hij combineert diverse soorten van vooral contrasterende materialen die hij recycleert met een grenzeloze fantasie en laat uitgroeien tot een draagbaar kunstwerk.

“Het Jodendom stelt dat G-d de enige is die schept”, zegt hij. Wij, zijn enkel samen-brengers. Net zoals een journalist woorden samenbrengt tot één zin. Ik vind mezelf noch-min-noch-meer een professionele amateur in de meest letterlijke zin van het woord”.

Ik las dat u zich afzet tegen de consumptiemaatschappij omdat u dingen hergebruikt. Klopt dat?
“Bwah ja…dat is alweer zo’n term die men er bij sleurt. Ik ga bijvoorbeeld nooit naar een supermarkt om  inkopen te doen. Maar dat heeft niets te maken met onze consumptiemaatschappij! Ik ga daar niet heen omdat ik de verkoopstechnieken van die blitse reclamejongens doorzie. Ik doorzie hun aanpak. De technieken van de verborgen verleiders liggen er vingerdik op. Ik lach ook met dé spektakelmaatschappij zoals ze deskundig door Guy Debord wordt omschreven.

De centrale vraag: Hoe is het mogelijk dat het leven van een streng religieuze jood kan gecombineerd worden met het leven van een internationaal erkende kunstenaar?
“Ik zat op die vraag te wachten. Het is dé vraag die me steeds opnieuw en opnieuw wordt gesteld. Kan ik als streng religieuze jood in deze maatschappij en in de modewereld gerespecteerd worden? Ja, het kan! Ongeveer zeventig jaar geleden waren wij Joden nog minder dan een straathond. Als ratten moesten we worden verdelgd. Maar ook als kunstenaar word je in deze maatschappij dikwijls aangezien als een buitenbeentje. Vandaag de dag kan ik echter als fiere Jood in het geheel meedraaien.

Let wel, in de Thora wordt de kunstenaar zeer hoog geschat. Soms overvalt het me dat ik denk: wat ben ik aan het doen, maar ik weet dat ik er mee moet doorgaan. Wat in mijn juwelen zit, heeft zeer veel te maken met het leven zelf. En waar het allemaal om gaat, is het verhogen van waarden”.

Men bestempelt uw werk ook als de ‘Joodse dada’?
“Dat komt door de titel van de tentoonstelling die momenteel wordt gehouden in diverse steden met als titel ’Je suis dada’ van Design Vlaanderen. Deze tentoonstelling werd eerst voorgesteld in Turijn in het kader van ‘Torino, designstad’. De tentoonstelling liep al in diverse steden. Zelf heb ik al tentoongesteld in Brussel, Parijs, Londen…..”.

U was absoluut niet gelovig, later is dat dus wel veranderd. Vanwaar die radicale ommekeer?
“Ik kreeg een typische Antwerpse opvoeding. Ik ging naar de stadsschool en de Rijksmiddelbare school. Op mijn tentoonstellingen kwam ik met mensen in contact die nogal op zoek waren naar het mysterieuze. In die jaren stond ik open voor alles en was ik ook druk begaan met de astrologie. Door Rabbijn Friedrich die mij de Thora begon te leren, werd ik op een bepaald ogenblik getroffen, opmerkzaam gemaakt op één zinnetje geschreven door Rebbe Yosef Yitchak Schneerson: “Kunst is het vatten van het maanlicht op het water van de zee of van de wind in het korenveld”.  Hetdeed me omkeren naar G-d!

Het feit dat een Rebbe dergelijke omschrijving kon geven van de kunst in de Thora opende een totaal nieuwe wereld voor mij. Ik koos radicaal voor het religieuze leven van een chassidische Jood. De Thora is tenslotte de blauwdruk van onze wereld. De Rebbe M.M. Schneerson werd mijn rebbe. Later leerde ik mijn vrouw Reva kennen en zo werd mijn gezin met tien kinderen ook een kunstwerk van mij.

Mijn hele leven draait om de essentie van de chabadleer. Chabad is de afkorting van chochma, biena en daäs, de drie verstandelijke eigenschappen van de mens. En waarbij ik als mens steeds het verstand als coördinatiepunt moet kiezen. Het verstand moet heersen over het hart. We moeten een woning maken voor G-d hier op aarde en dat is wat ik wil doen. Ik wil me in de eerste plaats als Jood manifesteren in deze maatschappij. Dit is voor mij, voor ons, dé overwinning op het verleden, op diegenen die ons wilden uitroeien. Maar om Joods te zijn en te leven als een Jood moet je persoonlijk hard werken. Je moet bijvoorbeeld de sabbat eerbiedigen en koosjer eten. Je moet ten slotte voor alles werken in dit leven….

In de jaren tachtig stond ik op het punt beroemd te worden, maar dat interesseerde me totaal niet. Ik heb toen echt gezocht om de kunstenaar te worden die ik nu ben. Ik ben door crisissen gegaan, maar vandaag ben ik als mens volledig in evenwicht. In balans met mijn eigen religie, met mijn eigen kunst en met mijn gezin”.

Leren leven met hedendaagse kunst. Dat is wat Daniel Von Weinberger heeft gerealiseerd. Tijdens ons gesprek evolueerde de eerder stugge man, voor wie ik hem in het begin aanzag, tot een joviaal en eerlijk mens vol humor. Hij heeft de kunst begrepen van de simcha, de vreugde. Hij creëert waardevolle, nieuwe dingen met de materialen die hij vindt. Hij herwaardeert ze en voegt er een dimensie aan toe waardoor het kunst wordt. Hij is wat men noemt een man in evenwicht. In evenwicht met zijn gezin, zijn G-d en zijn kunst.

Rony Boonen

Heeft dit artikel u geboeid? Neem dan een abonnement op Joods Actueel magazine waar u elke maand gelijkaardige diepte-interviews kan terugvinden die steeds weer actueel zijn. Ga naar joodsactueel.be/abonneren/

Tweet
Share
Share
0 Shares