Discussie van de week: Niet iedereen blij met plannen Holocaustmusuem

mechelen“Dat er een gedenkplaats moet komen voor de verschrikkingen van de holocaust is ook niet meer dan logisch. Maar als bewoners van deze straat zullen we nu en in de toekomst steeds geconfronteerd worden met die holocaust want het ontwerp van het gedenkgebouw torent hoog boven de huizen uit.

Enkele Mechelse bewoners zijn niet te spreken over de nieuwe plannen voor het herdenkingsmemoriaal Kazerne Dossin te Mechelen. Daar verrijst binnenkort een nieuw musuem. Hieronder een tekst over de voorstelling van het project, waar de plannen uit de doeken worden gedaan. Daaronder vindt u de hele brief van buurtbewoner Koen Spaenjers. Maar het gaat verder dan brieven schrijven. Tegenstanders van het nieuwe museum roepen de Mechelaars op om zaterdag om 10 uur een mensenketting te vormen rond het arresthuis in de Goswin de Stassartstraat, als vorm van protest.

Nieuw Holocaustmuseum verrijst tegen 2011 in Mechelen

Door onze redacteur, Guido Joris

Tijdens een druk bijgewoonde persconferentie stelde Vlaams minister-president Kris Peeters in Brussel het winnende project voor van het nieuw  Holocaustmuseum in Mechelen. Die komt op de plaats van het huidige Joods Museum voor Deportatie en Verzet. Laureaat van de uitgeschreven architectuurwedstrijd was de Antwerpse architect Bob van Reeth, die met de inzending van zijn AGW-architectenploeg door een internationale vakjury als laureaat uit de bus kwam.

In aanwezigheid van de Mechelse burgemeester Bart Somers, architect Bob van Reeth en voorzitter van het Joods Museum voor Deportatie en Verzet, ridder Nathan Ramet, kondigde Kris Peters aan dat de Vlaamse regering voor de realisatie van het nieuwe museum 25 miljoen euro heeft uitgetrokken. ‘Geen klein bedrag maar wel goed besteed‘, aldus de minister-president.

Het terrein van de Dossinkazerne waar destijds de treintransporten van Joden naar de uitroeiingskampen vertrokken is eind jaren zeventig tot een woonerf omgevormd. De Vlaamse regering kocht intussen wel de voormalige school tegenover de kazerne, ooit een arresthuis. Daar moet het eigenlijke museum komen. De planning en bouwwerkzaamheden kunnen binnen enkele maanden beginnen.

What’s in a name?
De aanzet voor een nieuw Holocaustmuseum in Mechelen werd al gegeven in 2000 door minister Patrick Dewael. Dat nu eindelijk – inmiddels zijn we acht jaar later – pas de knoop werd doorgehakt is de verdienste van Yves Leterme in zijn vorige functie als Vlaams minister-president. Leterme  schreef in 2007 de architectuurwedstrijd uit. Bovendien droeg premier Leterme bij aan het vinden van een compromis rond de feitelijke naam van het project. Er ontstond onenigheid of het museum exclusief de Shoah moest herdenken of ook andere genociden. Volgens een groep was er geen probleem ook andere volkerenmoorden te herdenken maar moest dit niet per se in kazerne Dossin gebeuren. De naam is uiteindelijk een mondvol geworden: ‘Kazerne Dossin, memoriaal, museum en documentatiecentrum over holocaust en mensenrechten.’ Let hier op de schrijfwijze van holocaust met kleine letter. Maar aan de hand van de krantenkoppen daags na de persconferentie kan je foutloos voorspellen dat het museum in de volksmond ‘het Holocaustmuseum’ zal heten.

Het museum
Het hoofdgebouw van het Holocaustmuseum gaat met zijn drie verdiepingen boven het terrein uittorenen, elke etage is meer dan vijf meter hoog. Op de bovenste verdieping is er naast een conferentieruimte een heus plein voorzien en een wandelgalerij. Vanop de bovenste verdieping zal de bezoeker uitkijken op de voorgevel van de Dossinkazerne en een panoramisch zicht op de stad hebben. Het gebouw zal enkel door zijn impact op de omgeving al een deel van zijn memoriaalfunctie vervullen, de monumentale indruk die het gebouw nalaat is immers onmiskenbaar.

Op een vraag van Joods Actueel over de symbolieken in het ontwerp liet architect Bob van Reeth weten dat hij zich mentaal had voorbereid op de architectuurwedstrijd door zich maandenlang ‘in te lezen’ in een poging om het trauma dat door de holocaustgruwel werd veroorzaakt te doorgronden. ‘Ons ontwerp probeert die getraumatiseerde ervaring in de ‘ziel’ van het gebouw te vatten. Je mag ook niet vergeten dat het om een wedstrijdontwerp gaat waardoor de normale tegenspeler van de architect, de bouwheer zelf, eigenlijk ontbreekt. Het concept van het gebouw kan niet gewijzigd worden maar nu is het moment aangebroken om met de scenografen aan tafel te gaan zitten en ons samen te bezinnen over de verdere uitwerking en invulling van het concept’.

Van Reeth brengt architectuur met een boodschap, zonder daarbij betekenissen te willen opdringen. Zo is een discreet spel met licht en donker in het circuit terug te vinden. De symboliek schuilt vooral in de geblindeerde ramen. De architect stelde voor om ze dicht te metselen met meer dan 25.267 bakstenen, exact hetzelfde aantal als er tussen 1942 en 1944 Joden en zigeuners werden gedeporteerd. Een andere suggestie, om poorten aan te brengen in de muur in de vorm van wagonschuifdeuren, zal het definitieve ontwerp wellicht niet halen.

Van Reeth is bijzonder ingenomen met de opdracht. ‘Ons kantoor heeft de laatste jaren vooral woningen en kantoren gebouwd’, zegt hij. ‘Ze dienden als achtergrond voor de banaliteit van de stad. In Mechelen krijg ik de kans een gebouw op te trekken dat bijna kunst is. Het is een gebaar, dat de hele stad moet verrijken.’

Trouw aan zijn principes wil de architect van het museum ook een duurzame structuur maken. ‘Het wordt een neutraal en flexibel gebouw dat zich leent tot heel veel dingen. Het zal de taak van de scenografen zijn om er een boeiend verhaal over de geschiedenis in onder te brengen.’

Nathan Ramet is opgetogen dat het project uiteindelijk uitgevoerd zal worden. Het fijnst van al vindt hij dat er nu eindelijk een ruimte komt waar leerlingen van scholen kunnen opgevangen worden. ‘Soms komen hier meer dan 100 leerlingen gelijktijdig aan terwijl de huidige ontvangstruimte hooguit 25 leerlingen kan opvangen. De rest moet dan noodgedwongen buiten wachten en bij slecht weer is dat geen pretje. De nieuwe gebouwen voorzien ook in een meditatieruimte en er zijn op die manier voor leraars die groepen begeleiden didactische omstandigheden gecreëerd die noodzakelijk zijn om hun leerlingenbezoeken ook te laten slagen. Ik ben ook bijzonder blij dat het gebouw toegankelijk zal zijn voor rolstoelgebruikers. Veel nu zal afhangen van de manier waarop de scenograaf met de ruimte gaat omspringen en hoe hij de gebeurtenissen in het museum in scène zal zetten. De aanstelling van de Vlaamse regering voor deze opdracht is nog niet gebeurd‘. Nathan Ramet blikt daarmee al flink vooruit, geen slechte eigenschap voor een voorzitter.

Mechelen, een afspraak met de geschiedenis
De keuze voor Mechelen als locatie maakte (onbegrijpelijk!) ook enige tijd het voorwerp van discussie uit in de voorbereidende fase van het project. Het is een absoluut pluspunt dat het nieuwe  museum ingeplant zal worden op de plaats waar de historische feiten zich afspeelden. Amerikaanse holocaustmusea halen allerlei voorwerpen poorten, koffers, zelfs bomen (!) binnen in hun tentoonstellingsruimten in verwoede pogingen om de geschiedenis toch maar tastbaar te maken voor hun bezoeker. Mensen zijn nu eenmaal ‘materiële’ wezens en om die reden is de Dossinkazerne door de grote historische tastbare aanwezigheid niet alleen de juiste plaats maar de ‘enige’ juiste plaats.

Een geboorteaankondiging, ook die van een museum, stemt vreugdevol. De moeilijke bevalling moet je er bij een baby willens nillens bijnemen, dat had in dit geval anders gekund maar uit ervaring weten we dat de moeilijke bevalling snel vergeten is. Alleen de doelstellingen om van het Holocaustmuseum een memoriaal en een documentatiecentrum te maken zijn nu nog belangrijk.

(verschenen in Joods Actueel van juni 2008)

Brief van Koen Spaenjers aan architect Bob Van Reeth

Beste,

Mijn schrijven betreft het Tinelplaats annex Dossin – holocaust project te Mechelen, waar jullie ontwerp de jury wist te overtuigen en allicht terecht, want juist de kracht van uw ontwerpen zijn de basis van elke op zich staande moderne architect die als een schitterende pauw zijn vleugels openslaat en de omgeving omhelst.

Moderne architectuur wordt steeds gecontesteerd, veel uit schrik voor het nieuwe (wij mensen blijken zo te zijn), veel uit schrik omdat het niet strookt met wat we denken over een zekere plaats in onze collectieve geschiedenis. Dat er een gedenkplaats moet zijn voor de overlevering van de verschrikkingen van de holocaust is ook niet meer dan logisch.

Maar als bewoners van deze straat zullen we nu en in de toekomst steeds geconfronteerd worden met die holocaust want het ontwerp van het gedenkgebouw torent hoog boven de huizen uit.

Elke dag zullen wij nu op onze beurt het aanzicht van de ‘holocaust’ moeten aanschouwen, elke dag wordt de verschrikking op ons neergesabeld, wederom juist omdat ik overtuigd ben van jullie ontwerp.

De grote hoge linde bomen in onze straat (Keldermansvest recht tegenover de Tinelplaats) zijn door noodzakelijke werken aan de kademuur verdwenen en het is pas achteraf, wanneer ze zijn wegegenomen dat je beseft hoeveel leven en liefde je eigenlijk van zo’n bomenrij krijgt. Er is dus al een heel stuk leven weggenomen in onze buurt.

Bewoners van deze buurt vinden het temeer een schande dat de historische Dossin kazerne voor eigen gewin werd omgevormd tot een wooneenheid. Het wordt tijd dat de Dossinkzaerne en diegene die daar is gepasseerd in ere wordt hersteld. We moeten de holocaust niet verleggen, laat staan door stadsvisioenen voor de rest van hun leven te laten projecteren op de gevels van de bewoners in deze stad.

Politiekers hebben het hoog op wanneer er acties moeten worden ondernomen tegen pesten op de werkvloer, maar dit is, wat ik noem, collectief maatschappelijk pesten, eerst het (boom)leven wegnemen en daarna de bewoners confronteren met de verschrikkingen van de holocaust. Dat is niet meer dan een herhaling van diezelfde verschrikking. Temeer omdat er nooit overleg is geweest met de bewoners van de buurt.

Update 6/4

voor alle duidelijkheid en om de visie eenvoudiger voor te stellen voor onze bestuurlijke overheid, heb ik hierbij drie stellingen en drie vragen toegevoegd die onze terechte bekommernis in deze illustreren.

• Wij zijn mechelaars, positieve mechelaars …
• Wij zijn voor een museum op de Tinelplaats voor Deportatie en de Holocaust, en vinden het eigenlijk een maatschappelijk historische fout dat zulks een museum nog niet bestaat.
• Wij zijn voor mede-zeggingsshap van rechtsreeks betrokken inwoners, en bij uitbreiding alle inwoners van de stad Mechelen, over een project welke het stadszicht in zijn verdere rijke geschiedenis mede zal bepalen, wij stellen daarbij niet de inhoud enkel de vorm, de architecturale visuele uitstraling van het project in vraag.

Waarmede, de drie vragen:

• Wat is het beeld dat we nu en in de toekomst met dit project ontwerp aan onze stad willen geven: willen we een frontaal, luguber, donker gebouw plaatsen (wat in zijn externe visuele indruk betreft het cliché beeld niet overstijgt) of, willen we Mechelen op de kaart zetten met in symbiose met zijn geschiedenis, en de bezoeker te betrekken in een architecturaal aantrekkelijk kader?

• Wat is de motivatie om voor het ontwerp van Bob Van Reeth, AWG Architecten te kiezen?

• Tweedelig, welke democratische rede poneert dat opdrachtgever en jury dezelfde oveheid is, en welk beginsel justifieert dat de mechelaar geen enkele wetenschap krijgt over en zeggingsschap heeft in de visuele aantrekkingskracht van zijn stad, want dit ontwerp torent ver boven de mechelse huizen uit.

Koen Spaenjers
Keldermansvest, Mechelen

Tweet
Share
Share
0 Shares