UPDATE: Repliek van de minister op parlementaire vraag over nieuwe ngo-wet in Israël

Wij publiceren hierbij de repliek van minister Vanackere (zie verder onderaan)

Federaal kamerlid Tanguy Veys (Vlaams Belang) diende bij minister van Buitenlandse Zaken, Steven Vanackere volgende vraag in over de nieuwe wet van de Knesset die financiële transparantie oplegt aan NGO’s die financieel gesteund worden door het buitenland.

Transparantie in de financiering van ngo's is de inzet van de nieuwe wet

Een nieuwe wet van de Knesset in Israël doet het nodige stof opwaaien. Niet-gouvernementele organisaties die financieel door buitenlandse regeringen gesteund worden, moeten melding maken van die steun. Die wet is zeker niet antidemocratisch, wat nochtans beweerd wordt door de tegenstanders. Niet toevallig zijn die critici in hoofdzaak de mensen die van de buitenlandse gulheid genieten. De wet kreeg heel veel steun in de Knesset, onder meer van parlementsleden van Labor en van Kadima. De nieuwe regelgeving moet een gapende leemte in de Israëlische democratie opvullen.

De voorbije jaren schonken immers Europese regeringen jaarlijks ongeveer honderd miljoen euro belastinggeld aan kleine Israëlische, Palestijnse en Europese groeperingen. Die organisaties sponsoren pseudo-academische conferenties, adverteren in de kranten en organiseren publieke bijeenkomsten waar luidop beschuldigingen over Israëlische malversaties verkondigd worden. De publieke opinie heeft volgens de verdedigers van deze wet het recht te weten dat die activiteiten financieel gesteund worden door een buitenlandse regering.

Die transparantie is volgens hen een noodzakelijke voorwaarde om een geïnformeerd debat te voeren, een essentieel element van het democratische bestel. Elke regering heeft immers belangen en gebruikt haar macht om die doelstellingen te bereiken. Als afgevaardigden van Zweden, Zwitserland, Denemarken, Noorwegen en een dozijn andere landen bijvoorbeeld hun macht aanwenden om tientallen Israëlische organisaties zoals “Breaking the Silence” en “Yesh Din” te financieren, dan vechten deze organisaties ook voor de belangen van hun sponsors.

Ook het “Public Committee Against Torture in Israel” krijgt buitenlandse financiële steun: de leden van die organisatie reizen rond de wereld en vertellen overal dat Israël een land van oorlogscriminelen is. Een aantal van de medewerkers van die NGO’s zijn bovendien eenvoudigweg gebuisde politici. Ze behaalden geen zetel in de Knesset en dus gebruiken ze nu buitenlandse fondsen om toch nog macht uit te kunnen oefenen, macht die ze niet via de stembusslag konden bereiken. In de meeste Europese landen worden de details van die financieringen zelfs strikter geheim gehouden dan hun militaire plannen. Er vinden geen parlementaire hoorzittingen plaats om de legitimiteit, de wijsheid of de gevolgen van die financiering te bediscussiëren.

De besluitvorming is absoluut niet transparant, waardoor de kans bestaat dat die regelgeving in strijd is met het strafrecht van de landen in kwestie. Dat werd onlangs duidelijk in Canada, dat ook financiële steun levert aan NGO’s. Met de goedkeuring van de wetgeving over buitenlandse regeringssteun staat de deur nu open om ook meer transparantie te creëren over private sponsoring uit het buitenland.

Zal de minister bij de bepaling van zijn standpunt omtrent deze nieuwe wet van de Knesset rekening houden met voormelde motivatie?
Zo ja, met welke argumenten? Zo nee, waarom niet?

Tanguy Veys
Volksvertegenwoordiger

Repliek van de minister

Het wetgevende proces dat ten grondslag lag aan de betreffende wetgeving, werd zowel door de EU als door België nauwlettend opgevolgd. De door u voorgelegde motivatie van de auteurs van de wet is ons dus goed bekend. Vrijheid van verenigingsleven, onafhankelijkheid en transparantie met betrekking tot de financieringsbronnen van ngo’s stonden voor België en haar EU-partners centraal. Elk van die beginselen was wat ons betreft een element van beoordeling. In die zin kan België enkel toejuichen dat de recent geamendeerde ngo-wetgeving striktere transparantievereisten oplegt.

De EU en België brachten wel het vroegere wetsvoorstel meermaals ter sprake in contacten met Israëlische gesprekspartners, omdat het initiële voorstel voorwaarden oplegde die de werking van de ngo’s in gevaar zouden kunnen brengen, onder andere door het verlies van hun belastingvrijstelling. In het wetsvoorstel dat de Knesset uiteindelijk goedkeurde, werd rekening gehouden met die bekommernissen. De geamendeerde versie legt de bijkomende transparantievereisten evenwel enkel op voor publieke bronnen van financiering. Private financieringsstromen blijven voorlopig buiten schot, hetgeen een aantal ngo’s trouwens betreurt.

Steven Vanackere
Minister van Buitenlandse Zaken

Tweet
Share
Share
0 Shares