Tertio interviewt Michael Freilich

Het katholiek weekblad, Tertio, bracht een uitgebreid interview met onze hoofdredacteur, Michael Freilich. Met toestemming van de Tertio-redactie publiceren wij hier dit artikel.

‘Joden zijn niet meer naïef’

Jan De Volder

“Israël moet de goedkeuring van de wereld niet hebben om zichzelf te verdedigen. Het is niet meer naïef.” Michael Freilich, hoofdredacteur van Joods Actueel, verdedigt de politiek van Israël.

Jan De Volder | Voor ons Belgenland was hogere politieke onderhandelingskunde nodig om de knoop rond Brussel-Halle-Vilvoorde te ontwarren. Maar geef toe, BHV is maar klein bier tegenover de knoop van het conflict in het Midden-Oosten. Daar vermengen eeuwenoude emoties van volkeren zich met de ressentimenten, de hoop en de angst van nieuwe generaties. Daar is iedere vierkante meter beladen met religieuze, nationalistische en politieke passie, daar zijn liters bloed vergoten, en bovendien volgt de halve aardbol het conflict met argusogen.

De afgelopen weken berichtte Tertio over de Palestijnse plannen om de onafhankelijkheid te vragen voor Palestina bij de Verenigde Naties, over de frustraties van Palestijnse christenen in bezet gebied en over het geweldloze maar succesvolle verzet tegen de Israëlische veiligheidsmuur in het Palestijnse Budrus. Michael Freilich, hoofdredacteur van het Antwerpse maandblad Joods Actueel en immer alert wanneer het op de verdediging van Israël aankomt, vroeg en krijgt recht op een reactie. Maar het gesprek begint dichter bij huis.

Hoe gaat het eigenlijk met de joodse gemeenschap in Antwerpen?

“Goed, dank u. We vieren Rosj Hasjana – het joodse Nieuwjaar –, Yom Kippoer en het Loofhuttenfeest in peis en vree. Dat is niet alle joden in de wereld gegund. Hier heerst niet alleen godsdienstvrijheid, maar ook veiligheid. Een belangrijke evolutie is demografisch. Onze gemeenschap groeit, maar vooral bij de ultra-orthodoxen. Niet alleen omdat ze meer kinderen hebben dan de modern-orthodoxen, tot wie ik mezelf reken. Maar ook omdat veel moderne orthodoxe joden ertoe geneigd zijn het land te verlaten, omdat ze elders, zoals in de Verenigde Staten of Groot-Brittannië, meer jobopportuniteit zien.”

Die evolutie versterkt nog de positie van Antwerpen als chassidisch centrum?

“Zeker. De tweedeling tussen Brussel en Antwerpen is bijna compleet. Beide gemeenschappen tellen ongeveer twintigduizend mensen, maar de seculiere joden wonen in Brussel, de religieuze joden in Antwerpen. Er is weinig interactie tussen beide werelden. Antwerpen blijft een belangrijk joods centrum, maar kan niet tippen aan bepaalde wijken van New York of London. Stamford Hill is daar uitgegroeid tot een echt ultra-orthodox bastion.”

Af en toe hoor je spreken over de crisis van de diamant en toenemende armoede in de joodse gemeenschap in Antwerpen. Hoe ernstig is dat fenomeen?

“De diamantsector biedt steeds minder mogelijkheden. Kleine en middelgrote bedrijven hebben het lastig. Grote spelers, zoals de zichthouders van De Beers, besteden minder aan anderen uit, naast polieren (slijpen, nvdr) leveren ze nu ook zelf hun diamanten aan de klant. Bovendien palmden Indiërs handig een groot deel van de markt in. Vooral ultraorthodoxe joden zijn daar het slachtoffer van, omdat zij niet gaan studeren aan seculiere universiteiten zoals moderne orthodoxe joden. Reken daarbij hun grote gezinnen, het feit dat het volgen van de joodse regels zoals koosjer veel geld kost, dat ze extra moeten betalen voor de veiligheid en de religieuze lessen van hun kinderen, dan begrijp je dat veel gezinnen het moeilijk hebben.”

Hoe gaan die joodse scholen om met de eindtermen?

“De ultraorthodoxe gemeenschap heeft een vijftal scholen die volledig privé zijn. Zij willen geen staatsinmenging. Ze geven seksuele voorlichting op de wijze dat ze dat al eeuwen doen en van darwinisme is uiteraard geen sprake. Andere scholen hebben een gemengd systeem: deels gesubsidieerd, maar voor de extra lessen godsdienst betalen ze zelf.”


Heeft u de indruk dat Antwerpse joden goed samenleven met de andere burgers, inzonderheid moslims en christenen?

“Samenleven is te sterk, eigenlijk gaat het meer om naast elkaar leven. Ik vind dat al heel wat. In de professionele sfeer zijn er veel contacten, maar privé heel weinig. Wellicht heeft de traditionele geslotenheid van de joodse gemeenschap daar veel mee te maken. Met de katholieken zijn de relaties gevoelig beter. Dat bisschop Johan Bonny een dienst in de synagoge bijwoont, is uniek. Vertegenwoordigers van de kerk wonen vaak joodse manifestaties bij. Onze mensen zijn daar niet meer bang voor, meer nog ze waarderen het.”
U volgt de situatie in het Midden-Oosten op de voet, waarbij u duidelijk de zaak van Israël verdedigt. In uw kritiek klinkt vaak door dat de media te pro-Palestijns zijn. Proberen ze niet gewoon objectief te zijn?

“Het gaat mij niet alleen om de media. Er zijn tal van vzw’s en niet-gouvernementele organisaties die pro-Palestijnse propaganda voeren. Ik denk aan Vrede, Codip, Broederlijk Delen en noem maar op. Die krijgen daarvoor miljoenen van de overheid. Hoeveel pro-Israelische manifestaties zijn er? De berichtgeving in de pers borduurt daarop verder. Daar komt bovenop dat de journalisten gemiddeld veel linkser zijn dan de doorsnee bevolking. Bij een bevraging enkele jaren geleden bleek dat bijna de helft van de journalisten zou stemmen voor Groen! en SP.A terwijl Vlaams Belang de kiesdrempel niet haalde. Om dat laatste ben ik niet rouwig, maar ik stel wel vast dat het journalistengild geen afspiegeling vormt van de reële maatschappij. Neem nu De vloek van Osama van Rudy Vranckx. Ik heb maar een aflevering gezien, maar dat was genoeg. Hij stelt onomwonden dat Israël misbruik heeft gemaakt van de aanslagen van 9/11 om tekeer te gaan tegen de Palestijnen, hij laat de moeder van een zelfmoordterrorist aan het woord, hij toont een vrouw die zichzelf had willen opblazen en die nota bene door Israël na vijf jaar werd vrijgelaten,… Hij verwart voortdurend oorzaak en gevolg, miskent de complexiteit van de situatie en geeft Israël van alles de schuld. Dat is toch geen objectieve journalistiek?”

Misschien botst de onderdrukking van de Palestijnen gewoon met het rechtvaardigheidsgevoel van de mensen, journalisten incluis?

“Als de mensen en de journalisten zo zouden sympathiseren met de onderdrukten, waarom schenken ze dan niet meer aandacht aan de situatie in
Syrië vandaag? Daar zijn bij de onderdrukking door het regime al meer dan 4.000 doden gevallen. Sinds de tweede intifada zijn er 2.200 Palestijnse burgers gedood – naast 1.000 Israëlische burgers –, maar dat genereerde onredelijk veel media-aandacht. Is die verontwaardiging dan niet zeer selectief?

Bovendien worden de Palestijnen niet onderdrukt. Dat is een verkeerde perceptie. Als je naar Ramallah gaat, zie je dat veel gezinnen een gewoon leven leiden. De kinderen gaan naar school, de mensen hebben tv en internet. Recentelijk werd er een nieuwe shopping mall geopend. Als er echt onderdrukking was, zou er geen vrije pers zijn. Maar ze mogen protesteren, zoveel ze willen. Als dat maar vreedzaam gebeurt. Hoe meer ze samenwerken met Israël, hoe meer Israël ook de teugels kan vieren. Tachtig procent van de checkpoints is al weggehaald. Maar als de Palestijnen geweld tegen Israël blijven gebruiken, is het land verplicht hun vrijheid tot op zekere hoogte te beknotten. Dat valt niet te ontkennen. Wie bijvoorbeeld naar het buitenland wil reizen, moet eerst naar Israël en zal daar heel wat controles moeten doorstaan.”

Toch voelt Israël zichzelf het bedreigde en onderdrukte volk?

“Dat is ook zo. In Israël zelf wonen zes miljoen joden en een miljoen Arabieren. Het landje is omringd door 150 miljoen Arabieren. Er zijn meer
dan één miljard moslims op de wereld van wie het leeuwendeel het bestaansrecht van Israël niet erkent. Israël weet zich alleen op de wereld. Israëli’s denken: ‘Iedereen is tegen ons en wat we ook doen, het is nooit goed. We zijn omringd door vele vijanden, van de Hamas en de Hezbollah vlakbij, tot Syrië en Iran.’ De joden zijn eeuwenlang verdrukt en verjaagd, toch bleef de gemeenschap keer op keer denken dat de zaken zo’n vaart niet zouden nemen. Maar sinds de Shoah hebben we onze naïviteit afgelegd. Als de Iraanse president zegt dat hij Israël van de kaart wil vegen en de volgende dag dat hij kernwapens wil, dan weten wij hoe laat het is. Israël wacht niet meer op het akkoord van de wereld om het heft in eigen handen te nemen.”
Het beeld van het zwakke en bedreigde Israël contrasteert met het feit dat het land zelf kernwapens heeft en bovendien de onvoorwaardelijke steun van de Verenigde Staten (VS) geniet, welke regering daar ook aan de macht is.

“Het is positief dat de VS Israël steunen. Dat doen ze evenwel niet blindelings. De VS vroegen de Palestijnse leider Mahmoud Abbas meermaals onderhandelingen te beginnen met de regering-Netanyahu en de eenzijdige onafhankelijkheidsverklaring bij de Verenigde Naties achterwege te laten. Tevergeefs. Maar Abbas wil niet onderhandelen met Netanyahu, hij denkt dat hij met een linksere leider meer zal verkrijgen. Is het dan verwonderlijk dat het Amerikaans Congres overweegt de 230 miljoen dollar die het aan de Palestijnse Autoriteit schenkt te schrappen? Hier in Europa ziet men dat vaak in termen van de macht van de joodse lobby, maar er zit wel degelijk een eigen logica achter.”

Als Israël zoveel vijanden heeft, als de kinderen tot in het kleinste dorp van Pakistan joden haten wegens de Palestijnse kwestie, is het dan niet in het grootste belang van Israël om vrede te sluiten?

“Een oplossing van de Palestijnse kwestie is zeker in het belang van Israël. Alleen is de vraag of dat kan met de huidige Palestijnse leiding. Met Hamas zeker niet, want zij erkennen Israël niet eens. En Abbas wil alleen onderhandelen op zijn voorwaarden. Zo gaat dat niet bij onderhandelingen. Het grootste struikelblok voor vrede is niet Israël, maar Palestina. Israël heeft Gaza helemaal ontruimd. Joodse kolonisten werden uit hun huizen gesleept door andere joden, zelfs de doden werden herbegraven en de synagogen werden er gesloopt. Van de Westbank is Israël bereid 80 tot 85 procent van het grondgebied terug te geven. In ruil voor de gebieden waar te veel joodse kolonisten wonen, is het bereid vruchtbare grond aan Palestina te geven, bijvoorbeeld in Galilea. Het zijn de Palestijnen die dat niet willen en altijd terugkomen op onredelijke eisen als de terugkeer van alle vluchtelingen.”

In een gezamenlijk opiniestuk met Wouter De Vriendt van Groen! onlangs in De Standaard stelt u eigenaardig genoeg dat u voorstander bent van een Palestijnse hoofdstad in Oost-Jeruzalem.

“Dat is zo. Dat gaat niet over heel Oost-Jeruzalem, want de overdracht van die delen die dicht bij de joodse heilige plaatsen als de Klaagmuur liggen, is ook voor mij onbespreekbaar. Maar er zijn een heel aantal districten die alleen door Arabieren worden bewoond. Die grenzen aan Ramallah en zouden de basis kunnen vormen voor de hoofdstad van de toekomstige Palestijnse staat.

Om tot vrede te komen zijn er compromissen nodig. Vergelijk het met de onderhandelingen over BHV. Ook daar werd een compromis maar mogelijk, toen
de partijen die geen vergelijk wensten, buiten spel kwamen te staan. Zover zijn we in het Israëlisch-Palestijnse conflict nog niet.”

De veiligheidsmuur of hek rond Israël is een andere bron van wrok. Bent u het erover eens dat die het leven van veel Palestijnen nodeloos bemoeilijkt, zoals de film Budrus – eergisteren te zien op Canvas – goed aantoont?

“Laat mij duidelijk zijn. Dat hek is een goede zaak. Het verminderde de aanslagen in Israël drastisch. Als ik ‘s avonds ga slapen, zorg ik er ook
voor dat de deuren en de vensters van mijn huis potdicht zijn, zeker als ik een overbuur zou hebben die zegt dat hij mijn kinderen wil vermoorden. We leven nu eenmaal in een gevaarlijke wereld. Bovendien vermindert de muur de fricties met de Palestijnen: omdat er minder aanslagen zijn, is er ook minder vergelding nodig. Goede muren maken goede buren. Als we twintig of dertig jaar vrede hebben met de Palestijnen, dan kan Israël er misschien over nadenken het hek te slopen, eerder niet.”

Zou het dan niet beter zijn het te bouwen op de Groene Lijn – de grens van voor de oorlog van 1967 – en niet op Palestijns gebied?

“Daarover kun je discussiëren. De Groene Lijn is de bestandsgrens van 1948, toen de tweedeling door de Arabieren werd verworpen. De oorlog van 1967 werd ontketend en verloren door de Arabieren. In heel de wereld is het dan zo dat de verliezer zijn wil niet kan dicteren. Israël kan dat land teruggeven in het kader van een vredesregeling, eerder niet. Het is voor Israël een evenwichtsoefening tussen een militair en een humanitair standpunt.Palestijnen kunnen de plaats van de muur aanvechten voor het Israëlisch hooggerechtshof. In sommige gevallen werd het hek nadien verplaatst, ook al kostte dat de joodse staat miljoenen. Het bewijst alleen dat Israël een rechtsstaat en een democratie is.”

De Arabische lente verandert de regio grondig. Hoe kijkt Israël daartegen aan?

“Israël zou het zeer toejuichen als die dictatoriale regimes veranderen in democratieën, want nu is het land de enige democratie in de regio. Iedereen hoopt ook dat er in die landen meer economische groei komt. Maar de vrees is er dat één dictatoriaal regime louter vervangen zal worden door een ander. Bovendien had Israël met het Egypte van Mubarak een vredesakkoord, waarvan velen zich nu afvragen of het zal standhouden. Wat als de Moslimbroeders aan de macht komen, een alliantie met Iran sluiten en naar nucleaire wapens gaan streven? Daar is Israël beducht voor.”


Denkt u dat u in uw leven nog de vrede zal meemaken?

“Ik verwacht een vredesakkoord met de Palestijnen in de volgende tien jaar. Maar het zal een koude vrede zijn, zoals met Jordanië en Egypte. Ik zie Hamas of Iran ook niet snel van gedacht veranderen. Echte vrede zal nog heel lang duren.”

Tweet
Share
Share
0 Shares