Timothy Abraham Joodse N-VA kandidaat voor gemeenteraad in Kapellen

Van links naar rechts: Valerie van Peel (lijsttrekker Kapellen), Timothy Abraham (secretaris jong N-VA Kapellen),Bart De Wever, Jan Jambon, Ellen Slegers en T. Wouters

André Gantman is niet de enige Joodse N-VA kandidaat  voor de verkiezingen aanstaande zondag dan. In Kapellen vervoegt immers de 21-jarige Timothy Abraham de N-VA gelederen met een 16de plaats op de gemeenteraadslijst.  De krant De Standaard citeerde de jonge politicus als volgt:

“ik ben Vlaams-nationalist geworden door de manier waarop de Waalse politici ons Vlamingen behandelen. Ik heb er geen enkel probleem mee om solidair te zijn, maar er is een structureel probleem met de Waalse economie en daar doen ze zelf te weinig aan. Voor iedereen is er een limiet”.

Joods Actueel kreeg Abraham aan de lijn in Amsterdam waar hij aan de universiteit politicologie studeert. Op de vraag waarom bij deze partij opkomen en niet bij een andere is hij duidelijk: “Ik heb al van toen ik op de Tachkemonischool zat een Vlaamse reflex ontwikkeld met alles erop en eraan van zangfeesten tot en met betogingen”. Toch heeft hij dat naar eigen zeggen niet van huis uit: “Mijn ouders stemmen traditioneel op Open VLD maar dat is niet mijn overtuiging. Ik ben al jarenlang lid van N-VA en heb een sterke belangstelling voor alles wat met politiek te maken heeft.

Als Nederlandstalige begreep ik ook in een Joodse omgeving al snel dat de Vlamingen dus ook de Joodse Antwerpenaren er mee zullen gediend zijn als we in Vlaanderen meer bevoegdheden krijgen. En per slot van rekening is N-VA een integere partij dat stelt me gerust en een aantal standpunten sluiten toch ook naadloos aan bij het liberale klimaat waarin ik opgroeide.”

In een email die hij vandaag naar de Joods Actueelredactie stuurde  gaat het jonge kandidaat-gemeenteraadslid  dieper in op het verleden van het Vlaams-nationalisme omdat hij naar eigen zeggen begrijpt dat de Joodse gemeenschap met argusogen naar de N-VA kijkt en daar zijn volgens hem historische redenen voor maar daar kan je volgens hem niet langer de huidige N-VA politici op afrekenen. “Kritiek hebben op de leden en de inhoud van de partij moet ideologisch en/of empirisch worden onderbouwd, tot dusver heb ik geen enkele van beide gezien en kan ik vanuit mijn ideologische en empirische opvattingen duidelijk stellen dat de voorheen genoemde kritiek nonsens is” concludeert deze Joodse kandidaat.

Hieronder de integrale tekst van zijn mail hierover aan onze redactie:

Het Vlaams-nationalisme wint frappant aan populariteit, een Vlaams nationalistische partij is de grootste partij van het land, Vlaamse idealen worden steeds populairder bij de jeugd en Vlaams culturele evenementen zoals het Nationaal Zangfeest groeien ongekend. Joods Vlaanderen kent een lange en merkwaardige positie in de Vlaamse Beweging, een positie die na de Tweede Wereldoorlog klein en ongekend is geworden, toch zijn er nog steeds enkelen binnen de Joodse gemeenschap die voor de Vlaamse zaak strijden.

Één van de eerste Joodse prominenten binnen de Vlaamse Beweging is Marten Rudelsheim, Rudelsheim behaalde zijn doctoraat Germaanse filologie aan de Universiteit te Gent. Samen met een andere Joodse Flamingant S. Samson richtte hij in 1910 de eerste volledig Nederlandstalige school voor Secundair onderwijs op. Rudelsheim streef niet enkel voor een Vlaamse staat maar was ook een overtuigend Zionist. Rudelsheim was ook een prominent lid in de ‘Raad van Vlaanderen’ een organizatie die met de Duitsers tijdens de eerste Wereldoorlog onderhandelde over een onafhankelijk Vlaanderen, eens de Duitsers de regio zouden hebben veroverd.

Die medewerking werd door de Duitse Flamenpolitik opgericht, Vlamingen die zich hier mee bezig hielden werden ‘activisten” genoemd. Door zijn activisme werd Rudelsheim na de Eerste Wereldoorlog tot een celstraf veroordeeld, waar hij door de slechte behandeling van zijn gezondheid in 1920 zou sterven. In de Vlaamse Beweging wordt Rudelsheim als één van de grootste Vlaamse martelaren gezien.

Rudelsheim kreeg net als vele anderen financiële steun voor zijn strijd van mede Joods Vlaams Nationalist Salomon Kok, Salomon was een Antwerps Diamantair die zich fervent bezig hield met de Vlaamse zaak, samen met Rudelsheim was Kok deel van de Antwerpse Volksopbeuring, die zich bezig hield met het welzijn van arme Vlamingen. Kok financieërde ook de het activistische dagblad van Leon Picard “ Vlaemsche Strijd”. Net als Rudelsheim streed Kok ook voor een Joodse staat.

Een andere Joodse prominent van die tijd is liberaal politicus Louis Franck. Geboren in een Antwerpse Joodse famillie die al generaties in de stad woonde, hield Franck zich in het parlement bezig met belangrijke taalwetten, die de vernederlandsing van het middelbaar onderwijs in Vlaanderen sterk beïnvloedde. Franck vocht succesvol samen met collega flaminganten, de socialistische Camille Huysmans en katholiek Frans van Cauwelaert, voor de vernederlandsing van de Gentse Universiteit, samen werden ze de drie kraaiende hanen genoemd.

Franck integendeel tot Rudelsheim was fel tegen het activisme, na de Eerste wereldoorlog benadrukte Franck het belang van de Vlaamse strijd maar zelf zou hij zich daar niet meer mee bezig houden. Franck werd in 1918 Minister van Kolonieën en in 1926 zelfs minister van Staat. Tot zijn zelfmoord in 1937 was Franck ook Gouverneur van de Belgische Nationale Bank.

Een minder politieke, maar meer cultureel activist voor de Vlaamse Beweging was de Antwerpse jood Lon Landau, die nauw samenwerkte met Joods componist Daan Sternefeld en Johan de Meester van het Vlaemsche Volkstheater. Landau was één van ,de gerenomeerde, Herman Teirlinck’s favoriete toneelstudenten. Voor een tijdje woonde Landau uit zionistische ideologie in Palestina, maar door malaria is hij toch naar Vlaanderen terug gekomen. Landau zette zich ten volle in voor het Vlaams toneel en theater, ook wanneer hij in de dossinkazerne van Mechelen vast zat en in Bergen Belsen waar hij uiteindelijk overleed. Het Koninklijke Academie voor Schone Kunsten van Antwerpen heeft de prijs voor theaterkostuum naar Lon Landau genoemd.

Tijdens de Tweede Wereldoorlog had de Flamenpolitik veel invloed op de Vlaamse Beweging, in 1933 werd door Staf De Clerq het VNV opgericht, een fascistische Vlaams nationalistische partij die gekend stond door haar collaboratie met de Duitse bezetters. Na het eerste konvooi van Mechelen publiceerde de VNV-krant ‘Volk en Staat’ het volgende: “De zuiveringsmaatregelen tegen de joden volgen mekaar sterker op en worden met de dag strenger toegepast. Het schijnt zo dat we stilaan rondom onze redactiekantoren weer ruimer zullen kunnen ademhalen en nu er week na week huizen en appartementen in de buurt leegkomen kunnen we tenminste eens rustig van huis naar kantoor en van kantoor naar huis wandelen.”

Het is dan ook meer dan normaal dat deze fascistische impuls op het Vlaams nationalisme de Joodse gemeenschap er met grote argusogen naartoe deed, en nog steeds doet kijken. Men heeft schrik dat die impuls nog steed invloed uitoefent op het Vlaams nationalisme. Zeggen dat die impuls in zijn volste is verdwenen zou liegen zijn, maar zijn positie is abnormaal verkleind. Het is wel door die impuls dat het Joods Vlaams nationalisme na de Tweede Wereldoorlog fors is afgeremd. Stoppen zal het het nooit kunnen doen, al was het zeer klein waren er nog altijd enkele Vlaamse strekking in de Joodse gemeenschap en visa versa.

Maar voor dezelfde redenen dat men een hedendaagse Duitser op basis van zijn nationaliteit niet mag afrekenen op een deel van zijn land haar betrokkenheid bij de tweede wereldoorlog, mag men een Vlaams Nationalist vandaag niet afrekenen op een deel van haar aanhangers tijdens diezelfde tweede wereldoorlog. Ideologie en nationaliteit zijn evenver verwijderd van een praktische uitvoering. Het feit dat dit de N-va momenteel verweten wordt vind ik hierom ook verwerpelijk. Het feit dat die kritiek wordt gegeven is nog niet zo erg als de hypocrisie van de partijen die ze uitten, of is men al vergeten dat in 91’ Verhofstadt Gerolf Annemans in de toenmalige VLD wou binnenhalen?

Ik hoop dat door het feit dat ik als Jood op een N-va lijst sta ik kan tonen dat men oude bedreigingen nog steeds serieus moeten nemen, maar zeker en vast relativeren. Terug komende op de voorheen genoemde geschiedenis van Joden binnen de Vlaamse Beweging, hoop ik dat dit op een dag kan worden terug gebouwd, aangezien de Joodse gemeenschap een belangrijke rol kunnen spelen in Vlaanderen op sociaal, cultureel en economisch vlak. Kritiek hebben op de leden en de inhoud van de partij moet ideologisch en/of empirisch worden onderbouwd, tot dusver heb ik geen enkele van beide gezien en kan ik vanuit mijn ideologische en empirische opvattingen duidelijk stellen dat de voorheen genoemde kritiek nonsens is.

Tweet
Share
Share4
4 Shares